Aandoening
Klacht en ziekte : Hartritmestoornissen
Wat is hartritmestoornissen

Bij een hartritmestoornis kan het hart overslaan, onregelmatig gaan, te langzaam kloppen of op 'hol slaan'. Meestal ontstaan hartritmestoornissen in aanvallen: ze ontstaan plotseling en zijn ook even plotseling weer verdwenen, soms na seconden, soms pas na uren.

Bijna iedereen heeft wel eens het hart voelen overslaan. Bijvoorbeeld bij spanningen of na een sterke kop koffie. Soms blijft dit 'overslaan' langer doorgaan dan een paar tellen en belemmert het u in het dagelijks werk of de slaap. Pas dan spreekt men van een hartritmestoornis.

Een hartritmestoornis is vervelend, maar meestal niet gevaarlijk. Bij sommige hartritmestoornissen is er een kans dat er na enige tijd stolsels ontstaan in de boezems van het hart. Als deze hartritmestoornis langer duurt, zijn daarom vaak bloedverdunners nodig.

Waarom een hartritmestoornis ontstaat, is niet zo goed bekend. Het kan op alle leeftijden voorkomen.

Hoe kunt u hartritmestoornissen herkennen?

In rust klopt uw hart tussen de 60 en 100 slagen per minuut. Bij een hartritmestoornis gaat het hart snel, langzaam en/of onregelmatig kloppen. U kunt zich gejaagd voelen, of angstig. Ook kunt u duizelig worden of kortademig. Het ontstaat plotseling en verdwijnt meestal weer binnen enkele uren.

Wat kunt u zelf doen aan hartritmestoornissen

U kunt niet veel doen aan een hartritmestoornis. Soms helpt het om de hoeveelheid koffie en/of alcohol te verminderen.

Als u behalve de hartkloppingen last heeft van kortademigheid, neem dan contact op met uw huisarts. Ook als u de aanvallen vaak terugkomen, of als een aanval niet verdwijnt na enkele uren, kunt u beter contact opnemen met uw huisarts.

Bron: Nederlands Huisartsen Genootschap.
Laatst bijgewerkt: 15 november 2005.

Welke geneesmiddelen kunnen worden gebruikt bij hartritmestoornissen?

Afhankelijk van het soort ritmestoornis en de conditie van het hart kan de arts medicijnen voorschrijven, een elektrische stroomschok toedienen of een operatie uitvoeren, bijvoorbeeld voor een pacemaker. De geneesmiddelen die gebruikt worden bij hartritmestoornissen worden anti-arrhythmica genoemd.

Hartglycosiden
Digoxine regelt de hartslag en heft verschillende stoornissen in het hartritme op. Hierdoor wordt de hartslag langzamer. Een voorbeeld is digoxine.

Sotalol en andere bètablokkers
Bètablokkers regelen de hartslag en heffen verschillende stoornissen in het hartritme op. Hierdoor wordt de hartslag langzamer. De bètablokker die meestal wordt gebruikt bij hartritmestoornissen is sotalol: deze heeft meer invloed op het hartritme dan de overige bètablokkers. Voorbeelden zijn acebutolol, atenolol, metoprolol, oxprenolol, pindolol, propranolol en sotalol.

Calciumblokkers
De calciumblokkers verapamil en diltiazem regelen de hartslag en heffen verschillende stoornissen in het hartritme op. Hierdoor wordt de hartslag langzamer. Voorbeelden zijn diltiazem en verapamil.

Antiaritmica
Antiaritmica zijn middelen die diverse stoornissen in het hartritme opheffen. Welke geneesmiddel wordt voorgeschreven, hangt af van het soort ritmestoornis en waar in het hart de stoornis zich bevindt. Dit kan bijvoorbeeld in de boezems ('atriumfibrilleren'), of in de kamers ('ventrikelfibrilleren') van het hart zijn.

Voorbeelden van antiaritmica zijn:

  • flecaïnide: voorgeschreven bij snelle samentrekking van de kamers of van de boezems. Het wordt ook toegepast om hartritmestoornissen te voorkomen. Bij sommige hartritmestoornissen van ongeboren baby`s wordt het wel aan de moeder voorgeschreven.
  • amiodaron: voorgeschreven bij snelle samentrekking van de boezems of van de kamers. Het wordt ook toegepast om hartritmestoornissen te voorkomen. Bij sommige hartritmestoornissen van ongeboren baby`s wordt het wel aan de moeder voorgeschreven.
  • disopyramide: voorgeschreven bij snelle samentrekking van de kamers. Het wordt ook toegepast om hartritmestoornissen van zowel de boezems als de kamers te voorkomen.
  • propafenon: voorgeschreven bij snelle samentrekking van de kamers of van de boezems. Het wordt ook wel gebruikt als andere middelen onvoldoende helpen.
  • kinidine: voorgeschreven om hartritmestoornissen te voorkomen. Kinidine wordt ook toegepast bij een te snelle samentrekking van de kamers.
  • fenytoïne: voorgeschreven als andere middelen niet voldoende werken. Fenytoïne wordt ook wel gebruikt voor opheffen van hartritmestoornissen als een te hoge dosis digoxine is gebruikt.

Antistollingsmiddelen
Wanneer het hart door een ritmestoornis niet in staat is het bloed goed rond te pompen, ontstaat er in het hart gemakkelijk een bloedpropje. Dit bloedpropje kan vervolgens in de bloedbaan terecht komen en ergens in het lichaam een bloedvat afsluiten. Antistollingsmiddelen remmen de vorming van bloedpropjes af en verminderen zo de kans op afsluiting van een bloedvat.

Antistollingsmiddelen worden dus niet tegen de hartritmestoornis zelf gebruikt, maar om complicaties te voorkomen. Voorbeelden zijn acenocoumarol, fenprocoumon, apixaban, dabigatran en rivaroxiban.


De informatie over bovenstaande aandoening is geschreven door het Nederlands Huisartsen Genootschap (NHG). Het onderdeel over de medicijnen die bij de aandoening kunnen worden gebruikt, is geschreven door het Geneesmiddel Informatie Centrum van de KNMP. Hoewel bij het opstellen van de tekst uiterste zorgvuldigheid is betracht, zijn het NHG en de KNMP niet aansprakelijk voor eventuele schade die zou kunnen voortvloeien uit enige onjuistheid in deze tekst.

  • Medicijnen bij
Doe de risicotest Diabetesfonds
Sluiten