Medicijn

Medicijn: Abilify

print
Wat doet dit medicijn en waarbij wordt het gebruikt?

Abilify
De werkzame stof in Abilify is aripiprazol.



Aripiprazol behoort tot atypische antipsychotica. Het vermindert in de hersenen het effect van natuurlijk voorkomende stoffen, voornamelijk dopamine. Hierdoor verminderen onder andere psychosen.

Artsen schrijven het voor bij psychose, schizofrenie, manie, onrust en tics.



Psychose

Verschijnselen
Bij een psychose ervaart men zichzelf en de wereld om zich heen anders dan de werkelijkheid. Men spreekt dan van wanen en hallucinaties. Psychotische mensen wantrouwen hun omgeving vaak en zijn verward. Een psychose kan voor zowel de patiënt als de omgeving zeer beangstigend zijn.

Oorzaken
Psychosen kunnen in verschillende situaties optreden, bijvoorbeeld bij schizofrenie, depressiviteit, tijdens een manie bij manische depressiviteit, bij dementie, alcoholontwenning, extreme angst of bij vergiftigingen zoals van alcohol, drugs en sommige medicijnen. Het wordt in de laatste gevallen ook vaak een delirium genoemd. Een delirium duurt veel minder lang dan een psychose.

Werking
Aripiprazol vermindert de verschijnselen van een van een psychose of delirium. Een tablet werkt binnen enkele uren. Een injectie binnen 1 uur. Eén dosis heeft ongeveer 24 uur effect.


Klik voor meer informatie over medicijnen bij psychose.

Schizofrenie

Verschijnselen
Schizofrenie is een psychische aandoening met stoornissen in het denken, het waarnemen en het gevoelsleven. De belangrijkste verschijnselen bij schizofrenie zijn de psychoses en verwardheid.

Bij een psychose ervaart men zichzelf en de wereld om zich heen anders dan de werkelijkheid. Men spreekt dan van wanen en hallucinaties.

Mensen met schizofrenie voelen zich vaak ook depressief, angstig, schuldig of gespannen, waardoor zij zichzelf kunnen verwaarlozen, moeilijk sociale contacten leggen en zich afsluiten van de buitenwereld. Men noemt dit de 'negatieve verschijnselen' van schizofrenie.

Werking
Aripiprazol vermindert het effect van natuurlijk voorkomende stoffen in de hersenen, zoals dopamine. Hierdoor onderdrukt het de verschijnselen van een psychose. Maar het werkt nauwelijks tegen de 'negatieve verschijnselen'.

Aripiprazol vermindert de verschijnselen van een van een psychose. Een tablet werkt binnen enkele uren. Een injectie binnen 1 uur. Eén dosis heeft ongeveer 24 uur effect.


Klik voor meer informatie over medicijnen bij schizofrenie.

Manie

Verschijnselen
Een manie is een periode van overdreven opgewektheid, met veel onrealistische plannen en acties. Mensen steken zich in deze periode vaak in de schulden en ondernemen activiteiten waar ze later spijt van hebben. Soms heeft men ook last van wanen en hallucinaties.

Meestal treedt een manie op bij iemand die lijdt aan manische depressiviteit. Bij deze ziekte wisselen ernstig depressieve periodes zich af met manische periodes.
Soms komen ze min of meer gelijktijdig voor en heeft men tijdens de manische periode ook depressieve gevoelens.

Behandeling
Bij een manie schrijven artsen lithium of valproïnezuur voor, of een antipsychoticum, zoals aripiprazol. Soms worden beide gecombineerd.

Als dit medicijn goed bij u werkt, kan de arts het ook voorschrijven om een nieuwe manie te voorkomen of af te vlakken.

Werking
De rustgevende werking van aripiprazol tabletten treedt binnen een paar uur in. Als er een snelle werkzaamheid nodig is, wordt een injectie gegeven, die werkt binnen een uur. De werkingsduur van 1 dosis is ongeveer 24 uur.


Klik voor meer informatie over medicijnen bij manie.

Onrust

Door psychiatrische aandoeningen, zoals autisme, en hersenbeschadigingen kunnen kinderen of volwassenen soms zeer onrustig, agressief of angstig zijn.

Behandeling
Als dit niet op een andere manier goed onder controle is te krijgen, schrijven artsen rustgevende medicijnen voor. Meestal is dat een antipsychoticum, zoals risperidon, olanzapine of aripiprazol.

Werking
Aripiprazol vermindert onrust, angst en agressiviteit binnen een paar uur. De werkingsduur van 1 dosis is langer dan 24 uur.


Klik voor meer informatie over medicijnen bij onrust.

Tics

Verschijnselen
Bij het syndroom van Gilles de la Tourette heeft men last van zich telkens herhalende bewegingen of spiertrekkingen van het gezicht, schouders of armen en van het maken van geluiden, zoals snuiven, grommen of dwangmatig vloeken.

Werking
Aripiprazol helpt soms deze verschijnselen te verminderen. Het heeft ook effect op angstgevoelens en de dwanghandelingen van het syndroom van Gilles de la Tourette.

De werkingsduur van 1 dosis is langer dan 24 uur.


Klik voor meer informatie over medicijnen bij tics.

Op welke bijwerkingen moet ik letten?vraagteken.gif
Uitleg frequenties:

Regelmatig : bij meer dan 30 op de 100 mensen
Soms : bij 10 tot 30 op de 100 mensen
Zelden : bij 1 tot 10 op de 100 mensen
Zeer zelden : bij minder dan 1 op de 100 mensen

Venster sluiten

Behalve het gewenste effect kan dit medicijn bijwerkingen geven.

De belangrijkste bijwerkingen zijn de volgende.

Soms

  • Afvlakking van het gevoelsleven, verlies van initiatief en activiteit, gevoel opgesloten te zitten en een gevoel van leegte. 
  • Bewegingsstoornissen, zoals rusteloosheid (akathisie), plotselinge spiertrekkingen in hoofd, mond of gezicht (dystonie) en spierstijfheid (parkinsonisme).
    Akathisie kan zich ook uiten in niet stil kunnen zitten, wiebelen met voet of hand, onrustgevoelens. En parkinsonisme in trillen, moeite met bewegen, lopen of spreken.
    Door deze bijwerkingen kunt u ook spier- of gewrichtspijn krijgen.
    Sommige bewegingsstoornissen beginnen binnen enkele dagen na de eerste dosis of na een dosisverhoging. Het kan ook na langdurig gebruik ontstaan, of pas na stoppen. Soms verdwijnt het binnen een paar dagen.
    Raadpleeg uw arts als u lijdt aan de ziekte van Parkinson. De verschijnselen kunnen door dit medicijn verergeren. Misschien kan de arts een ander medicijn voorschrijven.
    Overleg met uw arts als u bewegingsstoornissen merkt. Soms kan uw arts de dosering verlagen of u een ander medicijn voorschrijven waar u minder last van krijgt. Ook zijn medicijnen mogelijk die de bewegingsstoornissen tegengaan.
    Zelden ontstaan ’late bewegingsstoornissen’ (tardieve dyskinesie) U merkt ze in eerste instantie aan zuig-, kauw- en smakbewegingen, bewegingen van de tong en grimassen en tics van het gezicht.Of aan buig- en strekbewegingen van vingers en tenen, dansachtige bewegingen van armen en benen en zwaai- of draaibewegingen van schouders en bekken.
    Als deze bijwerkingen ontstaan is dat meestal na langdurig gebruik (meerdere maanden). Soms komen ze pas aan het licht als u met dit medicijn bent gestopt. Na stoppen nemen de verschijnselen na verloop van tijd af, maar bij een deel van de mensen gaat deze bijwerking niet meer helemaal over.
Zelden
  • Hoofdpijn, slapeloosheid en depressie.
  • Maagdarmklachten, zoals misselijkheid en buikpijn. Deze bijwerkingen treden vooral in het begin van de behandeling op. Meestal helpt het als u het medicijn met wat voedsel inneemt. Blijft u er ook na enige dagen last van houden? Neem dan contact op met uw arts.
  • Verstopping (obstipatie). Eet vezelrijke voeding en drink veel.
  • Kwijlen, vooral tijdens de slaap. Raadpleeg uw arts als u hier veel last van heeft.
  • Droge ogen en wazig zien. Als u het syndroom van Sjögren heeft, een aandoening waarbij de slijmvliezen van onder andere ogen en mond droger zijn dan normaal: u kunt meer klachten krijgen. Dit medicijn vermindert de aanmaak van traanvocht en speeksel. Neem contact op met uw arts als u meer last heeft van oogirritatie of een droge mond.
  • Sufheid, slaperigheid, duizeligheid en vermindering van het reactie-, concentratie- en coördinatievermogen. Voorkom ongelukken in het verkeer, maar ook bij andere activiteiten thuis en op het werk, bijvoorbeeld wanneer u een ladder beklimt, apparaten bedient en op het werk iets bewaakt of controleert. Ook als u 's nachts uit bed moet om naar het toilet te gaan, kunt u minder controle over uw spieren hebben en daardoor sneller vallen.
  • Problemen met vrijen. Bij mannen: moeilijker krijgen van een erectie. Bij vrouwen: moeilijker krijgen van een orgasme. Bij mannen en vrouwen: minder zin om te vrijen.
  • Gewichtstoename, door een toename van de eetlust en een veranderde stofwisseling. Omdat de gewichtstoename onder andere komt door een toename van de eetlust, is het belangrijk minder te eten dan u zou lusten. Dat is voor veel mensen erg moeilijk. Raadpleeg daarom uw arts of een diëtist als u inderdaad aankomt. Zij kunnen u helpen hiermee om te gaan.
  • Plasproblemen, door minder controle over de spieren van de blaas. Daardoor kunt u last krijgen van ongewild urineverlies, maar ook moeite krijgen met plassen of om de blaas helemaal leeg te maken. Deze klachten verergeren bij een vergrote prostaat. Door achterblijven van urine in de blaas heeft u ook meer kans op blaasontsteking. Neem contact op met uw arts als u als u problemen krijgt met plassen. De klachten gaan meestal over als u gewend bent geraakt aan dit medicijn.  

Zeer zelden

  • Hartkloppingen.
  • Duizeligheid, vooral bij opstaan uit bed of uit een stoel. Dit gaat in het algemeen over als uw lichaam zich heeft ingesteld op het medicijn. Dit is meestal binnen enkele dagen tot weken. Mensen met hartfalen kunnen hier meer last van hebben. Als u zich duizelig voelt, sta dan niet te snel op uit bed of van een stoel. U kunt dan het beste gaan liggen en de benen wat hoger leggen, bijvoorbeeld op een kussen. Blijft u last houden, bespreek dit dan met uw arts. Mogelijk kunt u het medicijn 's avonds innemen, dan heeft u overdag minder last van duizeligheid.
  • Maligne neurolepticasyndroom. Dit is te merken aan onverklaarbare koorts, zeer stijve spieren, sufheid, hartkloppingen en ernstig zweten. Neem bij deze verschijnselen onmiddellijk contact op met uw arts. Als het optreedt, is dat meestal tijdens de eerste 2 weken van het gebruik of binnen 2 weken na een verhoging van de dosering.
  • Bloedstolsels in de bloedbaan (trombose). Dit vergroot de kans op vaataandoeningen, zoals een trombosebeen of beroerte. De verschijnselen van trombose kunnen zijn pijnlijke zwelling van het been of plotselinge kortademigheid. Neem bij deze verschijnselen meteen contact op met uw arts. Mensen die al eerder trombose hebben gehad of die medicijnen gebruiken tegen trombose hebben hier meer kans op. Dit kunt u herkennen aan een dikke, harde, rode en pijnlijke plek op het been, soms aan pijn in de kuit en een zwaar gevoel in het been, zelden aan plotseling optredende kortademigheid, soms met pijn of het ophoesten van bloed. Waarschuw in deze gevallen onmiddellijk een arts, of ga meteen naar de Eerste-Hulpdienst.
  • Bij mensen met epilepsie kan een aanval worden uitgelokt. Overleg met uw arts of u dit medicijn kunt gebuiken.
  • Teveel cholesterol en andere vetten in het bloed. Deze kunnen zich ophopen in de bloedvaten, waardoor trombose kan ontstaan (zie bij zeer zelden). Uw arts zal jaarlijks uw cholesterol en/of vetgehalte controleren en in het eerste jaar van de behandeling vaker. Als u al een te hoog cholesterol en/of vetgehalte in uw bloed heeft, zal uw arts u daar extra op controleren.
  • Slikproblemen. U kunt last krijgen van verslikken. Bij verslikken kan voedsel in de luchtpijp terechtkomen in plaats van in de slokdarm. U kunt hierdoor een longontsteking krijgen. Neem contact op met uw arts als u merkt dat u moeite heeft met slikken.
  • Leveraandoeningen. U kunt dit merken aan een gevoelige, opgezwollen buik of een gele verkleuring van het oogwit of van de huid. Waarschuw dan een arts.
  • Haaruitval en overgevoeligheid voor zonlicht.
  • Bloedafwijkingen. Als u ononverklaarbare koorts, keelpijn of blaasjes in de mond en keel, plotselinge blauwe plekken of neusbloedingen krijgt, kan dat duiden op bloedafwijkingen. Waarschuw dan uw arts.
  • Overgevoeligheid voor dit medicijn. Dit merkt u aan galbulten of jeuk. Raadpleeg bij deze verschijnselen uw arts. Geef aan de apotheek door dat u overgevoelig bent voor aripiprazol. Het apotheekteam kan;er dan op letten dat u het medicijn niet opnieuw krijgt. In zeldzame gevallen ontstaat angio-oedeem: een zwelling van het gezicht, lippen, mond, tong of keel. U kunt hierbij erg benauwd worden. Als dit gebeurt, moet u onmiddellijk een arts opzoeken of naar de Eerste-Hulpdienst gaan.
Raadpleeg uw arts als u te veel last heeft van één van de bovengenoemde bijwerkingen of als u andere bijwerkingen ervaart waar u zich zorgen over maakt.

Er bestaan veel verschillende soorten antipsychotica. Deze hebben wel dezelfde werking, maar verschillende bijwerkingpatronen. Mogelijk is een ander antipsychoticum geschikter voor u.
Hoe moet ik dit medicijn gebruiken?

Hoe?

  • Gewone tabletten: innemen met een half glas water of met een andere drank.
  • Smelttabletten ('Orodisp'): op de tong leggen, de tablet smelt dan vanzelf. U hoeft deze niet met water in te nemen, maar het mag wel.
    Haal de tablet niet lang van tevoren uit de verpakking, anders kan deze beschadigen.
  • Injecties: deze zal de arts of verpleegkundige in een bilspier of schouderspier toedienen.

Hoe lang?

Schizofrenie
Is de psychotische periode voorbij, dan zult u dit medicijn meestal nog lange tijd moeten gebruiken om een nieuwe psychose te voorkomen. De arts zal de dosering in die periode meestal verlagen.

  • Als u voor het eerst een psychose heeft gehad, dan moet u dit medicijn meestal nog tot 1 of 2 jaar na uw herstel gebruiken, voor u kunt proberen te stoppen. Alleen in uitzonderlijke gevallen, als u erg snel bent hersteld, kan worden geprobeerd een half jaar na herstel te stoppen. Dit moet dan wel onder goede begeleiding en de kans op terugval is dan nog steeds groter.
  • Heeft u al eerder een psychose gehad, dan moet u meestal de rest van uw leven een antipsychoticum blijven gebruiken.

Manie
Als de ergste onrustige verschijnselen zijn verdwenen, kan de arts adviseren het gebruik van aripiprazol langzaam af te bouwen. Lithium of valproïnezuur moet u dan meestal nog wel blijven gebruiken. Soms adviseert de arts om door te gaan met aripiprazol, om een nieuwe manie te voorkomen.

Onrust
Aripiprazol wordt meestal gedurende meerdere jaren gebruikt door mensen met ernstige onrust, aggressiviteit of angst, zoals mensen met dementie, verstandelijk gehandicapten en mensen met autisme. De dosering wordt meestal wel verlaagd als de verschijnselen afnemen.

Tics
Als het medicijn goed werkt, moet u het meestal meerdere jaren blijven gebruiken.


Wat moet ik doen als ik een dosis ben vergeten?
Het is belangrijk dit medicijn consequent in te nemen. Mocht u toch een dosis zijn vergeten.
  • U gebruikt dit medicijn 1 keer per dag: duurt het nog meer dan 8 uur voor u de volgende dosis normaal inneemt? Neem de vergeten dosis dan alsnog in. Duurt het nog minder dan 8 uur? Sla de vergeten dosis dan over.

Als ik dit medicijn gebruik, mag ik dan...

autorijden?
Dit medicijn vermindert de rijvaardigheid door de bijwerkingen, zoals sufheid, slaperigheid, wazig zien en duizeligheid. Hierdoor heeft u een grotere kans op een verkeersongeval.

Het is strafbaar aan het verkeer deel te nemen als uw rijvaardigheid is verminderd. Als u bij een ongeval betrokken raakt, kunt u aansprakelijk zijn.
Of en wanneer u weer mag autorijden, hangt af van uw aandoening, de duur van het gebruik en hoe lang u last blijft houden van bijwerkingen.

Bij gebruik voor psychiatrische aandoeningen: mensen met deze aandoeningen mogen vaak niet autorijden. Overleg met uw arts of dat bij u het geval is.
Als u ondanks uw aandoening toch mag autorijden, kunt u hieronder het advies voor dit medicijn vinden.

Rijd geen auto totdat u gedurende 4 dagen dezelfde dosering gebruikt. Beoordeel daarna hoeveel last u van de bijwerkingen heeft.
Iedereen reageert echter anders. Rijd nog niet als u wel last heeft van de hierboven genoemde bijwerkingen.

Bent u door dit medicijn wel suf of slaperig en gebruikt u het één keer per dag? Neem het dan voor u gaat slapen in, zodat u er overdag minder last van heeft.

Tips voor als u weer gaat autorijden

  • Rijd niet als u onscherp ziet.
  • Rijd niet als u suf voelt. Bijvoorbeeld als u zich moeilijk kunt concentreren, traag reageert of met moeite wakker kunt blijven. Een aanwijzing dat u niet alert was, ia sl u zich niet herinnert langs welke route u naar een bestemming bent gereden.
  • Drink geen alcohol als u moet rijden. Alcohol versterkt de versuffende bijwerking van dit medicijn.
  • Rijd niet langer dan één uur achter elkaar, ook al voelt u zich goed.
  • Rijd niet ’s nachts of bij slecht weer.
  • Bedenk dat het voor uzelf moeilijk te merken is als u minder goed rijdt. Een medepassagier kan dat vaak beter inschatten. Bijvoorbeeld omdat u met wisselende snelheden rijdt, slingert en geïrriteerd reageert op normaal gedrag van medeweggebruikers.

alcohol drinken?
Alcohol versterkt het versuffende effect van dit medicijn. Ook als u hier niets meer van merkt omdat u gewend bent geraakt aan dit medicijn, kunt u door het gebruik van alcohol erg suf worden. Beperk daarom het gebruik van alcohol en drink het liever niet.

alles eten?
Bij dit medicijn zijn hiervoor geen beperkingen.


Heeft dit medicijn een wisselwerking met andere medicijnen?
Dit medicijn heeft wisselwerkingen met andere medicijnen. In de tekst hieronder staan alleen de werkzame stoffen van deze medicijnen, dus niet de merknamen. Of uw medicijn een van die werkzame stoffen bevat, kunt u nagaan in uw bijsluiter onder het kopje 'samenstelling'.

De medicijnen waarmee de belangrijkste wisselwerkingen optreden, zijn de volgende.
  • Andere medicijnen die het reactievermogen verminderen. Bij deze medicijnen is vaak op de verpakking een gele waarschuwingssticker
  • Veel medicijnen tegen de ziekte van Parkinson, en aripiprazol verminderen elkaars werking. Overleg met uw arts als u last heeft van wanen en hallucinaties. Mogelijk kan de arts de dosering van een van beide medicijnen verlagen of een ander antipsychoticum kiezen dat deze wisselwerking minder heeft.
    Als u wel beide medicijnen gaat gebruiken: raadpleeg uw arts als u (weer) last krijgt van wanen en hallucinaties of als de verschijnselen van de ziekte van Parkinson verergeren.
  • De medicijnen tegen hiv-infectie darunavir, fosamprenavir en ritonavir. De hoeveelheid aripiprazol in het bloed kan door deze medicijnen stijgen. Hierdoor zijn de werking en de bijwerkingen sterker. Uw arts zal de hoeveelheid in het bloed in de gaten houden en mogelijk de dosering van aripiprazol verlagen.

Door de volgende medicijnen kan aripiprazol sneller uit het lichaam verdwijnen. Het is dan niet meer werkzaam. Neem contact op met uw arts als u één van de volgende medicijnen gebruikt.

  • De medicijnen tegen hiv-infectie efavirenz, etravirine en nevirapine.
  • De medicijnen tegen epilepsie carbamazepine, fenobarbital, fenytoïne en primidon.
  • De medicijnen tegen tuberculose rifabutine en rifampicine.
  • Bosentan, een medicijn gebruikt bij pulmonale arteriële hypertensie, een ernstige vorm van hoge bloeddruk in de longen.
Twijfelt u eraan of een van de bovenstaande wisselwerkingen voor u van belang is? Neem dan contact op met uw apotheker of arts.
Kan ik dit medicijn gebruiken als ik zwanger ben, wil worden of borstvoeding geef?

Zwangerschap
Over het gebruik van dit medicijn tijdens de zwangerschap is nog te weinig bekend. Wel is bekend dat er problemen kunnen ontstaan als u dit medicijn gebruikt in de laatste periode van de zwangerschap. Het kind kan dan na de geboorte last hebben van bewegingsstoornissen en ontwenningsverschijnselen. Dit is bijvoorbeeld te merken aan slecht drinken en veel huilen.

Als u dit medicijn gebruikt en u denkt erover om zwanger te worden, overleg dan met uw arts. Zo mogelijk kunt u tijdelijk overstappen op een ander medicijn.

Borstvoeding
Geef GEEN borstvoeding als u dit medicijn gebruikt. Het medicijn komt in de moedermelk. Het is niet bekend of dit schadelijk voor de baby is. Wilt u wel borstvoeding geven, overleg dan met uw arts of apotheker. Mogelijk kan de arts een ander medicijn voorschrijven.


Kan ik zomaar met dit medicijn stoppen?
Stop niet zomaar. Veel mensen krijgen na stoppen met een antipsychoticum opnieuw een psychose. Het is daarom van belang vooraf goed met uw arts te overleggen. Bij sommige psychoses is de kans op een nieuwe psychose niet zo groot, bij andere wel.
  • Als u gaat stoppen, bouw dan langzaam af over een periode van minimaal 4 weken. Als u geleidelijk afbouwt, heeft u minder kans op meteen een nieuwe psychose. Bovendien voorkomt u daarmee ontwenningsverschijnselen, zoals zweten, misselijkheid, gebrek aan eetlust, diarree, angst, slapeloosheid, onrust, loopneus, spierpijn en vreemde gevoelswaarnemingen, zoals kriebels.
  • De ontwenningsverschijnselen treden vaak pas 1 tot 4 dagen na plotseling stoppen op en zijn na 2 weken meestal over. Niet iedereen heeft even veel last van ontwenningsverschijnselen. Kijk daarom hoe u reageert als u de dosering iets vermindert.
  • Ook nadat u bent gestopt, kunnen soms de 'late bewegingsstoornissen' aan het licht komen of verergeren. U krijgt dan last van zuig-, kauw- en smakbewegingen, bewegingen van de tong, grimassen en tics van het gezicht, buig- en strekbewegingen van vingers en tenen, dansachtige bewegingen van armen en benen en zwaai- of draaibewegingen van schouders en bekken. Deze verschijnselen nemen in de loop van de maanden af en zijn na een aantal jaar meestal verdwenen.

Recept nodig en welke toedieningsvormen?
Aripiprazol is sinds 2002 internationaal op de markt. Het is op recept verkrijgbaar in tabletten en als injectie onder de merknaam Abilify.
Wilt u meer weten over de prijs en vergoeding van uw medicijn, lees dan verder in het thema prijzen en vergoedingen van medicijnen.

Klik hier voor meer informatie over : Abilify

Persoonlijk advies
Wilt u meer weten, of heeft u een vraag over uw eigen situatie? Breng dan een bezoek aan uw eigen apotheek. Uw eigen apotheker is op de hoogte van uw persoonlijke omstandigheden en kan u uitgebreid begeleiden bij uw medicijngebruik.
Zoek een apotheek bij u in de buurt:
Heeft u niet gevonden wat u zocht?
Stel een vraag aan de apotheker:
Laatst gewijzigd:27-5-2014

Deze tekst is opgesteld door het Geneesmiddel Informatie Centrum van de KNMP. Deze tekst is gebaseerd op de bijsluiter van het beschreven medicijn en op andere, wetenschappelijke bronnen. De officieel geregistreerde gegevens van dit medicijn bij het College ter Beoordeling van Geneesmiddelen vindt u op: www.cbg-meb.nl . Hoewel bij het opstellen van de tekst uiterste zorgvuldigheid is betracht, is de KNMP niet aansprakelijk voor eventuele schade die zou kunnen voortvloeien uit enige onjuistheid in deze tekst.

Ervaringen van andere gebruikers (U verlaat apotheek.nl)

Meldingen over Aripiprazol

28 juli 2014

Gewichtstoename en vergrote borsten (ik ben een man!) en een afwezig gevoelsleven.

10 juli 2014

Gewichtstoename van 17 kilo, rusteloos hoofd en voeten. Over het algemeen verdraag ik het wel goed. Neem het voor bipolaire stoornis.

17 juni 2014

Dit medicijn is bij mij goed aangeslagen. Bijna direct was voor mij en vooral voor mijn omgeving te merken dat het medicijn werkt. Helaas ben ik wel ruim 3...

  • Gerelateerde klachten & ziektes
Doe de risicotest Diabetesfonds
Sluiten