|
|
De werkzame stof in Prevenar is vaccin voor 7 typen pneumokokken.
Dit pneumokokkenvaccin bevat onderdelen van pneumokokken. Dit zijn bacteriën.
Na injectie maakt het lichaam hier afweerstoffen tegen. Als het dan in aanraking komt met de levende pneumokokken, kan het deze effectiever bestrijden.
Vaccinaties
Rijksvaccinatieprogramma
Het Rijksvaccinatieprogramma biedt alle kinderen in Nederland de mogelijkheid tegen pneumokokken te worden ingeënt. Het consultatiebureau voert de inenting meestal uit.
Sinds 2006 zit het pneumokokkenvaccin (Prevenar) in het Rijksvaccinatieprogramma. Kinderen worden in totaal vier keer ingeënt tegen pneumokokken: op de leeftijd van 2 maanden, 3 maanden, 4 maanden en 11 maanden.
Verder krijgen mensen met een extra risico een inenting tegen pneumokokken. Dit zijn sommige mensen van de hierboven genoemde risicogroepen. Een vaccin wordt in elk geval aangeraden aan mensen die geen milt (meer) hebben of een slecht werkende milt en mensen die met hiv zijn geïnfecteerd.
Effect
Het vaccin beschermt niet volledig, maar wel voor een groot deel. De bescherming houdt bij volwassenen die een eenmalige injectie krijgen, ongeveer vijf jaar aan. Kinderen tot 2 jaar krijgen verschillende keren een injectie. Bij kinderen die Prevenar krijgen, houdt de bescherming 3 jaar of langer aan.
Klik voor meer informatie over medicijnen bij vaccinaties.
Hersenvliesontsteking
Meningitis is een ontsteking van de vliezen rond de hersenen door bepaalde soorten virussen of bacteriën. Deze leven in neus en keel en kunnen zich door bijvoorbeeld hoesten of niezen verspreiden van mens tot mens.
Buiten de mens overleven de bacteriën niet makkelijk. Ze gedijen goed op slecht geventileerde plaatsen waar veel mensen dicht op elkaar zijn, zoals scholen, discotheken en kazernes.
Vroeger noemde men de ziekte ook wel nekkramp, naar één van de verschijnselen die zich voordoen bij meningitis.
Verschijnselen
Verschijnselen van hersenvliesontsteking zijn koorts, spierpijn, koude rillingen, stijve nek, hoofdpijn, misselijkheid, verwardheid, overgevoeligheid voor licht en geluid, lusteloosheid en pijnlijke gewrichten.
Kleine baby`s zien er vaak ziek en grauw uit en hebben de verschijnselen: huilerig, kreunen, niet willen drinken, moeilijk wakker te krijgen en bij het wisselen van de luier veel huilen (luierpijn). Kleine baby`s hebben niet altijd koorts.
In sommige gevallen kan de bacterie in het bloed terechtkomen en daar gaan groeien. Dan ontstaat bloedvergiftiging ofwel sepsis. U ziet snel opkomende donkerrode vlekjes op de huid, die snel groter worden. Deze vlekjes lijken op de vlekken bij mazelen. De vlekjes worden niet wit als u er op drukt. Deze vlekjes en sufheid zijn de voornaamste verschijnselen van bloedvergiftiging. Dit is een zeer ernstige situatie, die snelle opname in het ziekenhuis nodig maakt. Één op de vijf kinderen overlijdt eraan.
Soorten meningitis
Er zijn verschillende soorten bacteriën die meningitis kunnen veroorzaken. Dit zijn onder andere Haemofilus influenzae B (Hib), meningokokken groep B en groep C en pneumokokken.
Sinds 1993 worden kinderen ingeënt tegen Hib, sinds 2002 tegen meningokokken C en sinds 2006 tegen pneumokokken. Meningitis B komt het meest voor in Nederland, maar daar bestaat nog geen vaccin tegen.
Meningitis veroorzaakt door pneumokokken komt het meest voor bij baby`s en kinderen tot twee jaar.
Behandeling
De meningitis die door een virus wordt veroorzaakt, geneest meestal vanzelf, men moet uitzieken. Als in zeldzame gevallen een herpes-virus de oorzaak is, is wel een behandeling met virusdodende medicijnen nodig.
Meningitis veroorzaakt door een bacterie is ernstiger. Als de ziekte tijdig wordt behandeld, zijn antibiotica meestal voldoende om te genezen. Soms houdt het kind blijvende verschijnselen over, zoals doofheid, hersen- en nierbeschadiging, en amputatie van ledematen.
Mensen die in nauw contact zijn geweest met een patiënt met meningitis, krijgen meestal een korte kuur met het antibioticum rifampicine. Dit moet binnen 48 uur na het uitbreken van de ziekte gebeuren om verspreiding van de bacterie te voorkomen.
Bij sommige mensen kan meningitis zeer ernstig verlopen. Zij kunnen baat hebben bij een vaccinatie tegen pneumokokken, omdat meningitis in sommige gevallen wordt veroorzaakt door pneumokokken.
Mensen die extra risico lopen zijn:
- mensen die geen milt (meer) hebben of een slecht functionerende milt;
- patiënten die aandoeningen hebben die een verminderde afweer veroorzaken, zoals de ziekte van Hodgkin, de ziekte van Kahler, na beenmerg- of orgaantransplantatie, hiv-infecties en aids;
- personen met chronische aandoeningen van hart, longen, lever of nieren of diabetes mellitus;
- ouderen vanaf 65 jaar.
Klik voor meer informatie over medicijnen bij hersenvliesontsteking.
Longontsteking
Longontsteking wordt vaak veroorzaakt door pneumokokken, maar kan ook door andere ziekteverwekkers worden veroorzaakt.
Een longontsteking is een infectie van het longweefsel. U voelt zich flink ziek, heeft koorts en moet vaak hoesten. Ook kunt u slijm ophoesten. Het ademen kan pijnlijk zijn en u bent vaak benauwd.
Bij sommige mensen kan een longontsteking zeer ernstig verlopen. Zij kunnen baat hebben bij een vaccinatie tegen pneumokokken, omdat longontsteking in veel gevallen veroorzaakt wordt door pneumokokken.
Mensen die extra risico lopen zijn:
- mensen die geen milt (meer) hebben, of een slecht functionerende milt;
- patiënten die aandoeningen hebben die een verminderde afweer veroorzaken, zoals de ziekte van Hodgkin, de ziekte van Kahler, na beenmerg- of orgaantransplantatie, hiv-infecties en aids;
- personen met chronische aandoeningen van hart, longen, lever of nieren of diabetes mellitus;
- ouderen vanaf 65 jaar.
Klik voor meer informatie over medicijnen bij longontsteking.

Regelmatig : bij meer dan 30 op de 100 mensen
Soms : bij 10 tot 30 op de 100 mensen
Zelden : bij 1 tot 10 op de 100 mensen
Zeer zelden : bij minder dan 1 op de 100 mensen
Venster sluiten
Behalve het gewenste effect kan dit middel bijwerkingen geven.
De bijwerkingen en de kans hierop zijn ongeveer hetzelfde als bij andere vaccinaties. Het meest komt voor pijn op de plaats van de injectie en een grieperig gevoel. Dit trekt snel weer weg. Zeer zelden kan er een allergische reactie ontstaan.
Regelmatig, enkele uren na de injectie
- Pijn op de plaats van de injectie, soms met roodheid of zwelling.
- Bij kinderen: huilerig, hangerig, slaapstoornissen, niet willen eten en misselijkheid.
- Griepachtige verschijnselen, zoals hoofdpijn, koorts, spierpijn, misselijkheid of buikpijn. Deze verschijnselen houden meestal niet langer dan één tot twee dagen aan. Een enkele keer duren ze tot twee weken. Heeft u of uw kind hoge koorts op het moment van injectie, bijvoorbeeld door een infectie, dan kunt u beter de vaccinatie uitstellen tot u weer beter bent.
- Overgevoeligheid. U merkt dat aan huiduitslag met jeuk, benauwdheid, zwelling in het gezicht, flauwvallen. Waarschuw dan uw arts.
- Duizeligheid, flauwvallen en stuipen. Waarschuw dan uw arts.
3 Hoe, wanneer en hoe lang?
Hoe?
De arts of verpleegkundige geeft de injectie in de spier van de bovenarm of dijbeen.
4 Autorijden, alcohol, voeding
autorijden, alcohol drinken en alles eten?
Bij dit middel zijn hiervoor geen beperkingen.
5 Wisselwerking
- Niet alle vaccins kunnen tegelijk gegeven worden. Soms moet een tussenpoos van enkele weken worden aangehouden.
- Bijnierschorshormonen om in te nemen, zoals prednison, triamcinolon en dexamethason, kunnen het effect van het vaccin verminderen. Zeker als u ze langer dan twee weken gebruikt. Dit geldt niet voor bijnierschorshormonen die een eigen tekort moeten aanvullen, zoals bij de ziekte van Addison of Cushing.
- Afweeronderdrukkende middelen kunnen het vaccin mogelijk minder effectief maken. Het vaccin moet meestal twee weken eerder worden gegeven dan dat u start met het afweeronderdrukkende middel. Overleg hierover met uw arts.
6 Zwangerschap en borstvoeding
Over het gebruik van dit middel tijdens de zwangerschap en bij borstvoeding is nog te weinig bekend. Meld het in elk geval aan uw arts als u zwanger bent of als u borstvoeding geeft.
7 Hoe te verkrijgen
Pneumokokkenvaccin is sinds 1978 internationaal op de markt. Het vaccin is als injectie op recept verkrijgbaar onder de merknamen Prevenar, Prevenar 13 en Pneumo 23.
Prevenar beschermt tegen 7 typen pneumokokken en is geschikt voor kinderen van twee maanden tot vijf jaar.
Prevenar 13 beschermt tegen 13 typen pneumokokken en is geschikt voor kinderen van zes weken tot vijf jaar.
Pneumo 23 beschermt tegen 23 typen pneumokokken en is geschikt voor volwassenen en kinderen vanaf twee jaar.
Prevenar zit in het Rijksvaccinatieprogramma.
Klik hier voor meer informatie over : Prevenar, Pneumo 23, Prevenar 13
Laatst gewijzigd: 14-1-2010
Deze tekst is opgesteld door het Wetenschappelijk Instituut van de KNMP. Deze tekst is gebaseerd op de bijsluiter van het beschreven medicijn en op andere, wetenschappelijke bronnen. De officieel geregistreerde gegevens van dit medicijn bij het College ter Beoordeling van Geneesmiddelen vindt u op: www.cbg-meb.nl . Hoewel bij het opstellen van de tekst uiterste zorgvuldigheid is betracht, is de KNMP niet aansprakelijk voor eventuele schade die zou kunnen voortvloeien uit enige onjuistheid in deze tekst.
- Gerelateerde klachten & ziektes





