Medicijnentiapride

tiapride

Waarbij gebruik ik het?Mogelijke bijwerkingenHoe gebruik ik dit?Een keer vergeten, wat nu?Mag ik autorijden, alcohol drinken, alles eten?Gebruik met andere medicijnenGebruik bij zwangerschap of borstvoedingGebruik bij slechte nieren of leverMag ik zomaar stoppen?Onder welke namen verkrijgbaar?Heb ik een recept nodig?
  • Tiapride vermindert in de hersenen onder andere het effect van de natuurlijk voorkomende stof dopamine.

    Artsen schrijven het voor bij bewegingsstoornissen door medicijnen.

    • Verschijnselen
      Bewegingsstoornissen door medicijnen zijn onder andere verschijnselen die u pas later merkt ('late bewegingsstoornissen' of tardieve dyskinesie). Het zijn zuig-, kauw- en smakbewegingen, bewegingen van de tong en grimassen en tics van het gezicht. Of buig- en strekbewegingen van vingers en tenen, dansachtige bewegingen van armen en benen en zwaai- of draaibewegingen van schouders en bekken.

      Oorzaken
      Sommige medicijnen kunnen als bijwerking bewegingsstoornissen veroorzaken. Dit komt vooral voor bij antipsychotica. Antipsychotica worden gebruikt bij psychoses, schizofrenie en ernstige verwardheid.

      Behandeling
      Soms gaan late bewegingsstoornissen vanzelf over na verloop van tijd. Bij ernstige bewegingsstoornissen die niet vanzelf overgaan, schrijft de arts meestal een ander antipsychoticum voor. Het ene antipsychoticum veroorzaakt namelijk minder bewegingsstoornissen dan het andere. Dit verschilt per persoon en is niet altijd van tevoren te zeggen. Het antipsychoticum clozapine geeft het minst vaak bewegingsstoornissen, maar dit is niet voor iedereen geschikt.
      Als het wisselen van antipsychoticum niet genoeg helpt, kan de arts tiapride voorschrijven. Soms blijkt dit de late bewegingsstoornissen te verminderen. 

      Werking
      Na enkele dagen van gebruik kunnen de bewegingsstoornissen afnemen. Het werkt lang niet bij iedereen. Na stoppen is er een kans dat de bewegingsstoornissen terugkomen.

    • Behalve het gewenste effect kan dit medicijn bijwerkingen geven.

      De belangrijkste bijwerkingen zijn de volgende.

      Zelden (bij 1 tot 10 op de 100 mensen)

      • Hoofdpijn. Raadpleeg uw arts als u hier veel last van heeft.
      • Zwak gevoel, trillen.
      • Afvlakking van het gevoelsleven, onverschilligheid, verlies van initiatief en activiteit, gevoel opgesloten te zitten en een gevoel van leegte. Ook kan een depressie ontstaan of een bestaande depressie verergeren.
      • Sufheid, slaperigheid, vermoeidheid en vermindering van het reactie-, concentratie- en coördinatievermogen. Voorkom ongelukken in het verkeer, maar ook bij andere activiteiten thuis en op het werk, bijvoorbeeld wanneer u een ladder beklimt, apparaten bedient en op het werk iets bewaakt of controleert. Ook als u 's nachts uit bed moet om naar het toilet te gaan, kunt u minder controle over uw spieren hebben en daardoor sneller vallen.
      • Duizeligheid, vooral bij opstaan uit bed of uit een stoel. Dit gaat in het algemeen over als uw lichaam zich heeft ingesteld op het medicijn. Dit is meestal binnen enkele dagen tot weken. Als u zich duizelig voelt, sta dan niet te snel op uit bed of van een stoel. U kunt dan het best even liggen en de benen wat hoger leggen, bijvoorbeeld op een kussen. Blijft u last houden, bespreek dit dan met uw arts.
      • Hartritmestoornissen. U merkt dit soms alleen aan plotselinge duizelingen of als u even wegraakt. Vooral mensen met de hartritmestoornis verlengd QT-interval hebben hier meer kans op. Gebruik dit medicijn NIET als u deze hartritmestoornis heeft.
      • Moeilijk kunnen plassen. Dit is vooral van belang als u al moeite heeft met plassen door een vergrote prostaat. Neem contact op met uw arts als u dit merkt.
      • Kwijlen, vooral tijdens de slaap. Raadpleeg uw arts als u hier veel last van heeft.

      Zeer zelden (bij minder dan 1 op de 100 mensen)

      • Borstvorming (bij mannen), pijnlijke borsten en melkafscheiding (bij vrouwen). Raadpleeg uw arts als u hier veel last van heeft. Door deze bijwerking kan dit medicijn bepaalde vormen van kanker verergeren. Bijvoorbeeld bij borstkanker.
      • Bij vrouwen kan de menstruatie stoppen. Dit kan geen kwaad. Na stoppen met het middel komt de menstruatie weer op gang. Als u het erg vervelend vindt, raadpleeg dan uw arts.
      • Problemen met vrijen. Bij mannen: moeilijker krijgen van een erectie. Bij vrouwen: moeilijker krijgen van een orgasme. Bij mannen en vrouwen: minder zin om te vrijen.
      • Gewichtstoename, door een toename van de eetlust en een veranderde stofwisseling. Raadpleeg uw arts of een diëtist als u hier veel last van heeft.
      • Bewegingsstoornissen, zoals rusteloosheid (akathisie), plotselinge spiertrekkingen in hoofd, mond of gezicht (dystonie) en spierstijfheid (parkinsonisme).
        Akathisie kan zich ook uiten in niet stil kunnen zitten, wiebelen met voet of hand, onrustgevoelens. En parkinsonisme in trillen, moeite met bewegen, lopen of spreken.
        Door deze bijwerkingen kunt u ook spier- of gewrichtspijn krijgen.
        Sommige bewegingsstoornissen beginnen binnen enkele dagen na de eerste dosis of na een dosisverhoging. Het kan ook na langdurig gebruik ontstaan, of pas na stoppen. Soms verdwijnt het binnen een paar dagen.
        Overleg met uw arts als u bewegingsstoornissen merkt. Soms kan uw arts de dosering verlagen of u een ander medicijn voorschrijven waar u minder last van krijgt. Ook zijn medicijnen mogelijk die de bewegingsstoornissen tegengaan.
        Zeer zelden ontstaan 'late bewegingsstoornissen' (tardieve dyskinesie) U merkt ze in eerste instantie aan zuig-, kauw- en smakbewegingen, bewegingen van de tong en grimassen en tics van het gezicht.Of aan buig- en strekbewegingen van vingers en tenen, dansachtige bewegingen van armen en benen en zwaai- of draaibewegingen van schouders en bekken.
        Als deze bijwerkingen ontstaan is dat meestal na langdurig gebruik (meerdere maanden). Soms komen ze pas aan het licht als u met dit medicijn bent gestopt. Na stoppen nemen de verschijnselen na verloop van tijd af, maar bij een deel van de mensen gaat deze bijwerking niet meer helemaal over.
        Raadpleeg uw arts als u lijdt aan de ziekte van Parkinson of als u al een bewegingsstoornis heeft. De verschijnselen kunnen door dit medicijn verergeren. Misschien kan de arts een ander medicijn voorschrijven.Maligne neurolepticasyndroom. Dit is te merken aan onverklaarbare koorts, zeer stijve spieren, sufheid, hartkloppingen en ernstig zweten. Neem bij deze verschijnselen onmiddellijk contact op met uw arts. Als het optreedt, is dat meestal tijdens de eerste 2 weken van het gebruik of binnen 2 weken na een verhoging van de dosering.
      • Bloedstolsels in de bloedbaan (trombose). Dit vergroot de kans op vaataandoeningen, zoals een trombosebeen of beroerte. De verschijnselen van trombose kunnen zijn pijnlijke zwelling van het been of plotselinge kortademigheid. Neem bij deze verschijnselen meteen contact op met uw arts. Mensen die al eerder trombose hebben gehad of die medicijnen gebruiken tegen trombose hebben hier meer kans op.
      • Als u het syndroom van Sjögren heeft, een aandoening waarbij de slijmvliezen van onder andere ogen en mond droger zijn dan normaal: u kunt meer klachten krijgen. Dit medicijn vermindert de aanmaak van traanvocht en speeksel. Neem contact op met uw arts als u meer last heeft van oogirritatie of een droge mond.
      • Bij mensen met epilepsie kan een aanval worden uitgelokt. Overleg met uw arts of u dit medicijn kunt gebruiken.
      • Bloedafwijkingen. Als u onverklaarbare koorts, keelpijn of blaasjes in de mond en keel, plotselinge blauwe plekken of extreme vermoeidheid krijgt, kan dat duiden op bloedafwijkingen. Waarschuw dan uw arts.
      • Verstopping (obstipatie). Eet vezelrijke voeding en drink veel.

      Raadpleeg uw arts als u te veel last heeft van één van de bovengenoemde bijwerkingen of als u andere bijwerkingen ervaart waar u zich zorgen over maakt.

      • Regelmatig: bij meer dan 30 op de 100 mensen
        Soms: bij 10 tot 30 op de 100 mensen
        Zelden: bij 1 tot 10 op de 100 mensen
        Zeer zelden: bij minder dan 1 op de 100 mensen
        • Kijk voor de juiste dosering op het etiket van de apotheek.

          Wanneer?
          U kunt dit medicijn innemen op elk moment van de dag. Kies wel vaste tijdstippen, dan vergeet u minder snel een dosis. Meestal gebruikt u dit medicijn 3 keer per dag. Verdeel de dosering zo goed mogelijk over de dag voor een continu effect.

          Hoe lang?
          Gebruik dit medicijn zolang uw arts het voorschrijft. Waarschijnlijk zal uw arts na een paar maanden geleidelijk afbouwen om te kijken of u nog altijd last heeft van de bijwerkingen. Mogelijk is tiapride dan niet meer nodig.

          • Het is belangrijk dit medicijn consequent in te nemen. Mocht u toch een dosis vergeten zijn:

            U gebruikt dit medicijn 3 keer per dag: duurt het nog meer dan 2 uur voor u de volgende dosis normaal inneemt? Neem de vergeten dosis dan alsnog in. Duurt het nog minder dan 2 uur? Sla de vergeten dosis dan over.

            • autorijden?
              Het kan gevaarlijk zijn aan het verkeer deel te nemen als u dit medicijn gebruikt. Dit komt door bijwerkingen, zoals sufheid, slaperigheid, vermoeidheid en duizeligheid. U mag de eerste paar dagen dat u dit medicijn gebruikt niet autorijden.

              Na een paar dagen zijn de meeste mensen voldoende gewend geraakt aan de effecten. U mag dan weer autorijden. Maar doe dat alleen als u geen last meer heeft van de bijwerkingen.

              Let op: ook psychiatrische stoornissen kunnen een reden zijn dat u niet mag autorijden. Overleg met uw arts of dat bij u het geval is. Wilt u meer informatie over autorijden bij bepaalde aandoeningen? Kijk dan op de website van het CBR.

              Voor meer algemene informatie kunt u het thema 'Medicijnen in het verkeer' lezen. In dit thema leest u bijvoorbeeld wat de wet zegt over medicijnen in het verkeer. Ook vindt u adviezen waarmee u rekening moet houden als u wel (weer) mag autorijden.

              alcohol drinken?
              Alcohol versterkt het versuffende effect van dit medicijn. Ook als u hier niets meer van merkt omdat u gewend bent geraakt aan dit medicijn, kunt u door het gebruik van alcohol erg suf worden. Beperk daarom het gebruik van alcohol en drink het liever niet.

              alles eten?
              Bij dit medicijn zijn hiervoor geen beperkingen.

              • Hieronder staan alleen de werkzame stoffen van deze medicijnen, dus niet de merknamen. Of uw medicijn een van die werkzame stoffen bevat, kunt u nagaan in uw bijsluiter onder het kopje 'samenstelling'.

                De medicijnen waarmee de belangrijkste wisselwerkingen optreden, zijn de volgende.

                • Andere medicijnen die het reactievermogen verminderen. Bij deze medicijnen is vaak op de verpakking een gele waarschuwingssticker geplakt. De effecten op bijvoorbeeld de rijvaardigheid versterken elkaar. Rijd geen auto als u 2 of meer van dergelijke medicijnen gebruikt.
                • Veel medicijnen tegen de ziekte van Parkinson, en tiapride verminderen elkaars werking. Overleg met uw arts of u beide medicijnen kunt gebruiken. Mogelijk kan de arts de dosering van een van beide medicijnen verlagen of een ander antipsychoticum kiezen dat deze wisselwerking minder heeft.
                  Als u wel beide medicijnen gaat gebruiken: raadpleeg uw arts als u (weer) last krijgt van wanen en hallucinaties of als de verschijnselen van de ziekte van Parkinson verergeren.

                Twijfelt u eraan of een van de bovenstaande wisselwerkingen voor u van belang is? Neem dan contact op met uw apotheker of arts.

                • Zwangerschap
                  Overleg met uw arts. U kunt dit medicijn beter NIET gebruiken als u zwanger bent of binnenkort wilt worden. Over het gebruik van dit medicijn tijdens de zwangerschap is nog te weinig bekend. Wel is bekend dat er problemen kunnen ontstaan als u dit medicijn gebruikt in de laatste periode van de zwangerschap. Het kind kan dan na de geboorte last hebben van bewegingsstoornissen en ontwenningsverschijnselen. Dit is bijvoorbeeld te merken aan slecht drinken en veel huilen. Mogelijk kunt u (tijdelijk) overstappen op een ander medicijn.

                  Borstvoeding
                  Wilt u borstvoeding geven, overleg dan met uw arts. Het is niet bekend of het in de moedermelk terechtkomt en of het schadelijk is voor de baby. Misschien kunt u overstappen op een ander medicijn. Een medicijn waarvan wel bekend is dat u het veilig kunt gebruiken.

                  Gebruikt u medicijnen op recept of die u zonder recept koopt? Wilt u helpen om de kennis over medicijngebruik tijdens zwangerschap en borstvoeding te vergroten? Meld dan uw ervaring bij pREGnant

                  • Nieren

                    Werken uw nieren minder goed of dialyseert u? Overleg dan met uw apotheker. Het kan zijn dat de dosering van uw medicijn aangepast moet worden.

                    Lever

                    Het is niet bekend of mensen met levercirrose dit medicijn veilig kunnen gebruiken.

                    • Overleg met uw arts voordat u met dit medicijn stopt. De bewegingsstoornissen kunnen erger worden, vooral als u plotseling stopt.

                      • De werkzame stof tiapride zit in de volgende producten:
                        • Tiapride is sinds 1976 internationaal op de markt. Het is op recept verkrijgbaar onder de merknaam Tiapridal in tabletten.

                          Laatst bijgewerkt op 08-10-2018

                          Disclaimer

                          Deze tekst is opgesteld door het Geneesmiddel Informatie Centrum van de KNMP. Deze tekst is gebaseerd op de bijsluiter van het beschreven medicijn en op andere, wetenschappelijke bronnen. Zoals medische richtlijnen, standaarden en literatuur. Bent u benieuwd hoe het apotheek.nl-team dit doet? Bekijk dan de video. Hoewel bij het opstellen van de tekst uiterste zorgvuldigheid is betracht, is de KNMP niet aansprakelijk voor eventuele schade die zou kunnen voortvloeien uit enige onjuistheid in deze tekst. De officiële bijsluiter van dit medicijn vindt u bij het College ter Beoordeling van Geneesmiddelen op: www.cbg-meb.nl.

                          Vond u deze informatie nuttig?

                          Vind een apotheek

                          Wilt u meer weten, of heeft u een vraag over uw eigen situatie? Dan raden wij u aan naar uw eigen apotheek te gaan. Uw eigen apotheker is op de hoogte van uw persoonlijke omstandigheden en kan u uitgebreid begeleiden bij uw medicijngebruik. Bent u niet in de buurt van uw eigen apotheek, dan kunt u hier ook andere apotheken vinden.

                          Vraag het de webapotheker

                          Vraag het de webapotheker

                          Vraag het de webapotheker

                          Het beste advies krijgt u bij uw eigen apotheek. Daar ontvangt u de zorg en begeleiding die is afgestemd op uw persoonlijke situatie. Mocht dit niet mogelijk zijn, dan kunt u een vraag stellen aan de webapotheker. Een team van apothekers beantwoordt uw vraag in principe binnen enkele werkdagen.

                          Meldpunt medicijnen

                          Werkt uw medicijn heel goed of juist niet? Wordt uw medicijn niet vergoed? Of heeft u last van een bijwerking? Meld uw ervaring
                          Informatie wordt bijgewerkt: