metoclopramide bij kinderen

naar medicijnen

metoclopramide bij kinderen

Waar is dit medicijn voor?

Artsen schrijven metoclopramide voor bij kinderen met misselijkheid en braken.

Misselijkheid en braken

Oorzaak
Misselijkheid en braken ontstaan doordat het braakcentrum in de hersenen wordt geprikkeld. De prikkels kunnen ergens vanuit de hersenen afkomstig zijn of van de maag en darmen.

Behandeling
Artsen schrijven metoclopramide voor om misselijkheid en braken te voorkomen, als gevolg van chemotherapie bij kanker. En bij misselijkheid en braken na operaties.

Bij ernstig braken als gevolg van chemotherapie helpt metoclopramide meestal niet voldoende. Andere, sterker werkzame medicijnen, zoals ondansetron of granisetron zijn in dergelijke gevallen effectiever.

Kinderen zijn extra gevoelig voor de bijwerkingen. Kinderen tussen 1 en 18 jaar mogen metoclopramide alleen onder toezicht van een arts in bepaalde gevallen gebruiken. Bijvoorbeeld bij ernstige misselijkheid en braken na een operatie. Kinderen jonger dan 1 jaar mogen dit middel helemaal niet gebruiken.

Lees meer over misselijkheid en braken

Ervaring bij kinderen

Metoclopramide is officieel geregistreerd bij kinderen vanaf 1 jaar. Registratie betekent dat de fabrikant metoclopramide bij kinderen uitgebreid heeft onderzocht. De overheid heeft vervolgens goedgekeurd dat het medicijn verkrijgbaar is. Uit het onderzoek van de fabrikant blijkt dat het bij kinderen werkt. Maar kinderen zijn extra gevoelig voor de bijwerkingen. Kinderen mogen metoclopramide daarom alleen onder toezicht van een arts in bepaalde gevallen gebruiken.

Hoe werkt dit medicijn en welk effect heeft het?

Metoclopramide opent de doorgang van de maag naar de darmen en stimuleert de bewegingen van de maag en darmen. Hierdoor raakt de maag eerder leeg en komt het voedsel sneller in de darmen terecht. Omdat de maag leeg is, zullen misselijkheid en braakneigingen afnemen. Bovendien blokkeert metoclopramide de prikkeling van het braakcentrum. Ook hierdoor neemt misselijkheid en braakneiging af.

Hoe lang duurt het voordat dit medicijn werkt?

  • Injectie: de werking begint na 1-3 minuten.
  • Tabletten en drank: beginnen na 30 tot 60 minuten te werken.
  • Zetpillen: werken wat trager dan de tabletten en drank.

Het effect houdt 6 tot 8 uur aan.

Hoe moet uw kind dit medicijn gebruiken?

Kijk voor de juiste dosering op het etiket van de apotheek.

Hoe?

Hieronder vindt u per toedieningsvorm hoe uw kind het medicijn het beste kan gebruiken.

  • Injecties: deze worden toegediend door een arts of verpleegkundige.
  • Tabletten: laat uw kind de tablet innemen met een half glas water.
    • Heeft uw kind moeite met het heel doorslikken van een tablet? Bekijk dan het instructiefilmpje 'Slikken van medicijnen'. Hierin kan u zien hoe een kind de tablet het beste kan innemen.
    • Blijft uw kind problemen houden om het medicijn in te nemen? Vraag dan aan de arts of apotheker of er een andere toedieningsvorm is die uw kind gemakkelijker kan innemen.
  • Drank: gebruik voor het afmeten van de juiste hoeveelheid het meegeleverde doseerspuitje. Meet de drank af. Spuit de vloeistof dan voorzichtig in de wangzak van uw kind.
  • Zetpillen: breng de zetpil in de anus van uw kind in. Het maakt daarbij niet zo veel uit of u de zetpil met de punt naar voren of met de stompe kant naar voren inbrengt. Als u de zetpil met een beetje water bevochtigt, kunt u hem wat makkelijker inbrengen.
    • Bij kleine kinderen: laat uw kind met opgetrokken knieĆ«n op bed liggen. Houd na het inbrengen de billetjes van uw kind even tegen elkaar. De natuurlijke reflex om de zetpil uit te poepen verdwijnt zodra de zetpil is gesmolten (na ongeveer 1 minuut). Zie ook het instructiefilmpje 'Toedienen van zetpil of klysma'.

Wanneer?

  • Injecties: uw kind kind krijgt 1 tot 4 keer per dag een injectie van de arts of verpleegkundige.
  • Tabletten en drank: laat uw kind dit medicijn 2 tot 4 keer per dag gebruiken.
  • Zetpillen: breng dit medicijn 1 tot 3 keer per dag in bij uw kind. De zetpillen kunt u op elk gewenst tijdstip inbrengen. Breng de zetpil het liefst na de ontlasting in, om te voorkomen dat uw kind de zetpil te snel verliest.

Hoe lang?

Laat uw kind metoclopramide maximaal 5 dagen gebruiken. Bij gebruik langer dan 5 dagen heeft uw kind een groter risico op ernstige bijwerkingen, zoals bewegingstoornissen.

Neem contact op met de arts als uw kind na 1 of 2 dagen gebruik nog geen verbetering merkt.

Bijwerkingen

Behalve het gewenste effect kan dit medicijn bijwerkingen geven. De meeste bijwerkingen die bekend zijn, zijn gemeld bij volwassenen. Over bijwerkingen bij kinderen is minder bekend dan bij volwassenen. Waarschijnlijk kunnen de bijwerkingen die bij volwassenen gemeld zijn, ook voorkomen bij kinderen. Zie voor deze bijwerkingen en hoe vaak deze voorkomen de informatie over metoclopramide bij volwassenen.

Bijwerkingen waarvan bekend is dat ze bij kinderen kunnen voorkomen, zijn:

  • Sufheid, slaperigheid, vermoeidheid en duizeligheid en vermindering van het reactie-, concentratie- en coƶrdinatievermogen. Dit is vooral lastig bij activiteiten waarbij oplettendheid nodig is, zoals tijdens het fietsen, spelen, leren of op school.
  • Bewegingsstoornissen. Deze worden ook wel extrapiramidale verschijnselen genoemd. Het zijn stoornissen in de aansturing van de spieren. De verschijnselen kunnen lijken op de verschijnselen die optreden bij de ziekte van Parkinson: stijve spieren, beven, moeite met lopen of praten, rusteloosheid en plotselinge spiertrekkingen. Indien uw kind dit medicijn langdurig gebruikt, is de kans op deze bijwerkingen groter. Uw kind mag dit medicijn daarom maximaal 5 dagen gebruiken.
    Kinderen zijn extra gevoelig voor deze bijwerking. Daarom mag metoclopramide NIET bij kinderen jonger dan 1 jaar worden gebruikt. Bij kinderen tussen 1 en 18 jaar wordt metoclopramide alleen onder toezicht van een arts in bepaalde gevallen gebruiken.
  • Verstopping (obstipatie). Laat uw kind vezelrijke voeding eten en veel drinken wanneer dit kan. Neem contact op met de arts als het kind veel last blijft houden van verstopping.
  • Diarree. Neem contact op met de arts als uw kind meermalen per dag waterdunne ontlasting waarbij het kind ook moet overgeven en koorts heeft.
  • 'Late bewegingsstoornissen' (tardieve dyskinesie). Het is niet bekend hoe vaak deze bijwerking voorkomt. U merkt ze in eerste instantie aan zuig-, kauw- en smakbewegingen, bewegingen van de tong en grimassen en tics van het gezicht. Of aan buig- en strekbewegingen van vingers en tenen, dansachtige bewegingen van armen en benen en zwaai- of draaibewegingen van schouders en bekken.
  • Blauw-grijze verkleuring van de huid of slijmvliezen vooral bij baby's. Raadpleeg dan de arts. Dit kan wijzen op methemoglobinemie. Dit is een bepaalde vorm van bloedarmoede, waarbij de rode bloedlichaampjes in het bloed te weinig zuurstof kunnen afgeven.

Uitleg frequenties

Regelmatig : bij meer dan 30 op de 100 mensen
Soms : bij 10 tot 30 op de 100 mensen
Zelden : bij 1 tot 10 op de 100 mensen
Zeer zelden : bij minder dan 1 op de 100 mensen

Hoe is dit medicijn verkrijgbaar?

Metoclopramide is voor kinderen te verkrijgen in:

  • injectie;
  • tabletten;
  • drank;
  • zetpillen.

Meer informatie

Meer informatie over dit medicijn vindt u bij metoclopramide bij volwassenen. In deze tekst vindt u onder andere informatie over:

  • wat u moet doen als een dosis is vergeten;
  • of het mogelijk is om zomaar met dit medicijn te stoppen;
  • of het medicijn samen mag met andere medicijnen.

Voor deze onderwerpen is de informatie voor kinderen en volwassenen hetzelfde, of is er geen specifieke informatie voor kinderen bekend.

Laatst bijgewerkt: 09-07-2015

Disclaimer

Deze tekst is geschreven door het Geneesmiddel Informatie Centrum van de KNMP. Voor het opstellen van deze teksten is gebruik gemaakt van het Kinderformularium van het NKFK en andere wetenschappelijke bronnen. Hoewel bij het opstellen van de tekst uiterste zorgvuldigheid is betracht, is de KNMP niet aansprakelijk voor eventuele schade die zou kunnen voortvloeien uit enige onjuistheid in deze tekst.

Vind een apotheek

Wilt u meer weten, of heeft u een vraag over uw eigen situatie? Dan raden wij u aan naar uw eigen apotheek te gaan. Uw eigen apotheker is op de hoogte van uw persoonlijke omstandigheden en kan u uitgebreid begeleiden bij uw medicijngebruik. Bent u niet in de buurt van uw eigen apotheek, dan kunt u hier ook andere apotheken vinden.

Vraag het de webapotheker

Het beste advies krijgt u bij uw eigen apotheek. Daar ontvangt u de zorg en begeleiding die is afgestemd op uw persoonlijke situatie. Mocht dit niet mogelijk zijn, dan kunt u een vraag stellen aan de webapotheker. Een team van apothekers beantwoordt uw vraag in principe binnen enkele werkdagen.

Vraag het de webapotheker

Apotheek.nl gebruikt cookies om het surfgedrag op de website te analyseren.