Autisme

Autisme

Trefwoord
naar klachten & ziektes

Autisme

vergroot
terug naar boven

Wat is autisme?

Mensen met autisme verwerken informatie op een andere manier.

  • Vaak zijn hun zintuigen extra gevoelig en eerder overbelast. Mensen met autisme ervaren dus heftiger wat ze horen, zien, ruiken proeven en voelen.
  • Vaak hebben ze ook moeite met veranderingen en onverwachte dingen.
  • Hierdoor gaan ze ook anders om met andere mensen. Ze begrijpen vaak niet goed hoe andere mensen zich voelen. En andere mensen begrijpen hun gedrag soms ook niet.

Autisme kan een beperking zijn: iemand met autisme is minder flexibel met denken en (nieuwe) dingen doen. Dit geeft problemen: thuis, op school en/of op het werk. Maar het kan ook sterke kanten met zich meebrengen: zo zijn mensen met autisme vaker creatief en goed in logisch denken en precies werken. 

Autisme komt voor bij mannen en vrouwen. Ongeveer een derde van de mensen met autisme heeft een verstandelijke beperking.

Autisme is aangeboren. Iemand heeft het dus vanaf zijn/haar geboorte. Het ontstaat door een combinatie van erfelijke aanleg en omgevingsfactoren. 

Autisme komt níet door opvoeding, door de sfeer in een gezin of door iets wat iemand meegemaakt heeft.

Sommige mensen denken dat autisme kan ontstaan door inentingen (vaccinaties), maar dit is niet waar. Er is veel onderzoek gedaan waaruit blijkt dat inentingen en autisme niks met elkaar te maken hebben.

Kijk voor meer informatie over Autisme op www.thuisarts.nl

Hoe herken ik autisme?

Kinderen met autisme ontwikkelen zich langzamer en anders dan gemiddeld. De volgende verschijnselen kunnen wijzen op autisme.

Bij kinderen tot 6 jaar: Uw kind:

  • gaat later praten:
    • brabbelt niet na 12 maanden;
    • zegt geen losse woordjes na 16 maanden;
    • maakt geen korte zinnetjes van 2 woorden na 2 jaar.
  • wijst en zwaait niet na 12 maanden;
  • reageert niet op zijn/haar naam;
  • wil weinig contact (zoals knuffelen, samen spelen, zich laten troosten, mee gaan naar een drukke omgeving);
  • is liever bezig met dingen dan met mensen;
  • wordt later zindelijk;
  • huilt veel;
  • herhaalt steeds bepaalde bewegingen;
  • wil steeds dezelfde kleren aan.

Bij kinderen van 6 tot 12 jaar: Uw kind:

  • heeft moeite met veranderingen;
  • heeft moeite met contact maken met andere kinderen/mensen (en wordt daardoor misschien gepest);
  • begrijpt niet goed wat anderen van hem of haar verwachten in een bepaalde situatie;
  • is het liefst altijd bezig met één bepaald onderwerp of hobby;
  • zoekt steeds steun bij één ander kind, zoals een broer, zus of klasgenoot;
  • is angstig in onbekende situaties of in groepjes met andere mensen;
  • heeft moeite met het begrijpen van emoties van anderen;
  • doet graag alles steeds op dezelfde manier;
  • begrijpt gebaren en lichaamstaal van anderen niet goed;
  • kan niet goed tegen drukte.

Bij kinderen vanaf 12 jaar: Uw kind:

  • heeft moeite met plannen van huiswerk of opdrachten;
  • reageert heftig op lichamelijke veranderingen in de puberteit;
  • heeft moeite met het omgaan met leeftijdsgenoten;
  • heeft moeite met het beginnen van een liefdesrelatie;
  • heeft problemen met zijn/haar studie of loopbaan;
  • is lange tijd angstig of somber.

Een kind met autisme heeft vaak ook lichamelijke en psychische problemen. Bijvoorbeeld maag- en darmklachten, allergische reacties, slaapproblemen, ADHD en/of een verstandelijke beperking.

Bij meisjes is autisme vaak minder makkelijk te herkennen. Hierdoor denkt u of een (huis)arts misschien niet altijd aan autisme, maar eerder aan bijvoorbeeld angstklachtenADHD of een eetprobleem.

Kijk voor meer informatie over Autisme op www.thuisarts.nl

Wat kan de apotheker voor mij doen?

Algemeen

Uw apotheker zorgt ervoor dat u uw medicijnen goed en veilig kunt gebruiken. Het maakt niet uit of u een medicijn korte tijd of langdurig nodig heeft.

  • Receptcontrole

De apotheker controleert elk recept. Bijvoorbeeld: is het juiste medicijn voorgeschreven en meegegeven, is de dosering goed, kan het medicijn samen met andere medicijnen die u gebruikt. Als het nodig is, overlegt uw apotheker met uw huisarts of specialist.

  • Overzicht van uw medicijnen

Uw apotheker houdt bij welke medicijnen u gebruikt. U kunt in de apotheek altijd om een overzicht van uw medicijnen vragen. Dit kunt u bijvoorbeeld meenemen als u uw specialist bezoekt, in het ziekenhuis wordt opgenomen of naar het buitenland gaat.

  • Delen van informatie over uw medicijnen met andere zorgverleners

Uw apotheker, huisarts en het ziekenhuis kunnen informatie over uw medicijnen met elkaar delen als dat nodig is voor uw behandeling. Dit mag alleen als U daar toestemming voor geeft.

  • Begeleiding bij nieuwe geneesmiddelen

Krijgt u een medicijn dat u in de afgelopen 12 maanden niet hebt gebruikt? Dan krijgt u extra uitleg over deze medicijnen.

  • Ondersteuning als u uw medicijnen weleens vergeet in te nemen

De apotheker heeft daar hulpmiddelen voor. Als uw zorgverzekeraar toestemming geeft, kan uw apotheker uw medicijnen per dag en per tijdstip van inname in aparte zakjes voor u laten verpakken.

  • Persoonlijk gesprek over uw medicijnen

Heeft u vragen over uw medicijnen, of problemen met het gebruik? Bijvoorbeeld moeite met slikken van medicijnen, openmaken van de verpakking, of last van een vervelende bijwerking? Vraag uw apotheker om een persoonlijk gesprek. Hij kijkt dan samen met u welke mogelijkheden er zijn om uw probleem te verhelpen.

  • Medicatiebeoordeling

Uw apotheker en huisarts kunnen u uitnodigen voor een gesprek over uw medicijnen. Dit is mogelijk bij patiënten ouder dan 65 jaar die langdurig meer dan 5 medicijnen gebruiken. Samen met u bespreken ze of er verbetering mogelijk is. Als u bijvoorbeeld last hebt van bijwerkingen van een medicijn kan het soms vervangen worden door een ander medicijn.

  • Zelfzorg

Bij de apotheek kunt u terecht voor advies over medicijnen die u zonder recept (= zelfzorgmedicijnen) kunt kopen, voor verbandmiddelen en cosmetica. De apotheek kan zelfzorgmedicijnen voor u opnemen in uw medicatiedossier. Dan kan de apotheker controleren of u ze veilig samen met uw receptmedicijnen kunt gebruiken.

  • Bezorgservice

Bent u moeilijk ter been? Informeer bij uw apotheek of zij uw medicijnen bij u thuis kunnen bezorgen.

Welke medicijnen worden gebruikt bij autisme?

Antipsychotica
Antipsychotica worden gebruikt bij kinderen met autisme, die last hebben van angst of agressief gedrag. Antipsychotische middelen verminderen deze verschijnselen.

Er wordt onderscheid gemaakt tussen klassieke en atypische antipsychotica.

  • Atypische antipsychotica regelen in de hersenen de hoeveelheid van twee van nature voorkomende stoffen: dopamine en serotonine. Voorbeelden zijn risperidon, aripiprazol, olanzapine.
  • Klassieke antipsychotica verminderen in de hersenen het effect van de van nature voorkomende stof dopamine. Voorbeelden zijn haloperidol, pimozide.

Benzodiazepines
Sommige benzodiazepines kunnen gebruikt worden bij kinderen met autisme, die last hebben van hevige onrust. Bijvoorbeeld als toevoeging aan antipsychotica.

Serotonineheropnameremmers (SSRI's)
Sommige serotonineheropnameremmers kunnen gebruikt worden bij kinderen met autisme, die last hebben van angst en depressieve klachten. SSRI's regelen in de hersenen de hoeveelheid serotonine, een van nature voorkomende stof die een rol speelt bij stemming en emoties. SSRI's verbetert de stemming en verminderen angsten en depressieve klachten. Een voorbeeld is citalopram.

Laatst bijgewerkt KNMP: 15-01-2016
Laatst bijgewerkt NHG: 05-03-2018

Disclaimer

De informatie over bovenstaande aandoening is geschreven door het Nederlands Huisartsen Genootschap (NHG). De onderdelen over de medicijnen die bij de aandoening kunnen worden gebruikt en over wat de apotheker voor u kan doen, zijn geschreven door het Geneesmiddel Informatie Centrum van de KNMP. Hoewel bij het opstellen van de tekst uiterste zorgvuldigheid is betracht, zijn het NHG en de KNMP niet aansprakelijk voor eventuele schade die zou kunnen voortvloeien uit enige onjuistheid in deze tekst.

Thuisarts.nl

De informatie over bovenstaande aandoening is geschreven door het Nederlands Huisartsen Genootschap (NHG). Wilt u meer lezen over deze of andere aandoeningen? Ga dan naar www.thuisarts.nl

Naar thuisarts.nl

Vraag het de webapotheker

Het beste advies krijgt u bij uw eigen apotheek. Daar ontvangt u de zorg en begeleiding die is afgestemd op uw persoonlijke situatie. Mocht dit niet mogelijk zijn, dan kunt u een vraag stellen aan de webapotheker. Een team van apothekers beantwoordt uw vraag in principe binnen enkele werkdagen.

Vraag Hypotheker Vraag het de webapotheker
Barcode Scanner Logo Gelukt. We hebben uw medicijn gevonden!
Scan uw medicijn

Plaats de streepjescode binnen het kader. De streepjescode staat op de verpakking van uw medicijn.

Plaats de streepjescode in het kader. De code kunt u vinden op de verpakking. De barcodescanner werkt alleen met medicatie van een apotheek.

Barcode Scanner Logo
Gelukt
We hebben meerdere medicijnteksten gevonden. Bekijk hieronder de gevonden resultaten.
Barcode Scanner Logo
Helaas
Het scannen van de barcode is niet gelukt.
Barcode Scanner Logo
Probeer het opnieuw
Of zoek handmatig naar uw medicijn
Medicijn, klacht, ziekte of trefwoord
Barcode Scanner Logo

Helaas.

De barcode is niet bekend.

Heeft u dit medicijn niet in een apotheek gekocht? Maar bijvoorbeeld bij een drogist of supermarkt? Dan kan het zijn dat de barcode van dit medicijn niet bij ons bekend is.

Staan er meerdere barcodes op de verpakking van uw medicijn? Probeer dan de andere barcode te scannen.

Barcode Scanner Logo
Probeer het opnieuw
Of zoek handmatig naar uw medicijn
Medicijn, klacht, ziekte of trefwoord