Hiv en aids

Hiv en aids

Trefwoord
naar klachten & ziektes

Hiv en aids

Wat is hiv en aids?

Hiv is een afkorting voor het humaan immunodeficiëntie-virus. Dit virus kan uiteindelijk aids veroorzaken.

Het virus tast het afweersysteem van je lichaam aan. In het begin merk je daar weinig van, maar na verloop van tijd heeft je lichaam steeds minder afweer tegen ziektes. Daardoor kun je allerlei klachten krijgen. Pas dan spreken we van aids.

Een hiv-infectie is een seksueel overdraagbare aandoening (soa).

Kijk voor meer informatie over Hiv en aids op www.thuisarts.nl

Hoe herken ik hiv en aids?

Iemand met hiv hoeft geen verschijnselen te hebben. Het is dan ook niet aan iemand te zien dat hij of zij met hiv besmet is.

Van de mensen die besmet zijn met hiv krijgt ongeveer de helft tot driekwart binnen twee tot vier weken:

  • griepachtige verschijnselen (moe, hoofdpijn, spierpijn, koorts, keelpijn, opgezette klieren) en
  • huiduitslag.

Na de besmetting kan het een aantal maanden tot vijftien jaar duren voordat er opnieuw klachten ontstaan. Het virus tast het afweersysteem van het lichaam steeds verder aan. Wanneer de afweer sterk verzwakt is, kunnen gemakkelijk infecties ontstaan en aandoeningen zoals ontstekingen van de huid en de longen, vergeetachtigheid (dementie) en kanker. In deze fase noemen we de ziekte aids (acquired immunodeficiency syndrome).

Kijk voor meer informatie over Hiv en aids op www.thuisarts.nl

Kan ik er zelf iets tegen doen?

Veilig vrijen

Veilig vrijen is de beste manier om soa's te voorkomen. Het gaat erom contact tussen de slijmvliezen van de penis, vagina, anus en mond te vermijden.

  • Tongzoenen en elkaar met de vingers bevredigen is over het algemeen veilig.
  • Zit je bijvoorbeeld met je vingers in de vagina van je partner en daarna direct in je eigen vagina, dan kan dat wel soa overdragen.
  • Zorg dat er geen bloed, sperma, voorvocht (vocht dat voor het klaarkomen uit de penis komt) of vaginaal vocht op het slijmvlies van de ander komt. Dat verhoogt de kans op overdracht van soa's.
  • Gebruik bij penis-vagina-seks en penis-anus-seks steeds een nieuw condoom.
  • Als je tijdens het vrijen een dildo (of kunstpenis) uitwisselt, doe er dan bij de wissel een nieuwe condoom omheen of gebruik ieder een eigen dildo.
  • Bij orale seks (contact tussen mond en geslachtsdelen: pijpen of beffen) geeft een condoom of een beflapje bescherming.
  • Neem geen risico's omdat een sekspartner dat graag wil. Kies je eigen weg.
  • Laat je niet overrompelen door een moment van geilheid. Denk er vooraf over na. Bespreek het met je partner. En zorg dat je altijd een condoom bij je hebt.
  • Gebruik bij een nieuwe partner minstens drie maanden condooms en laat je testen, voordat je het condoom weglaat.

Wat te doen na onveilig vrijen?

Als er toch een onveilig contact is geweest, dan moet de persoon die mogelijk besmet is geraakt direct naar de GGD of de eerste hulp van een ziekenhuis. Dus als je zelf hiv hebt, dan moet iemand die met jou onveilig contact heeft gehad, direct contact opnemen met de GGD. De eerste hulp of de GGD beoordeelt of een behandeling nodig is.

Als iemand na een mogelijke besmetting met hiv binnen 2 tot uiterlijk 72 uur een behandeling met medicijnen (PEP-kuur) start, dan is de kans op een infectie met hiv heel klein. Een hiv-infectie kan niet via speeksel, zweet, traanvocht, urine of ontlasting worden overgedragen. Behalve als er bloed in zit dat vervolgens rechtstreeks in de bloedbaan van een ander terechtkomt.

Dagelijkse omgang

Hiv krijgt iemand niet zomaar door uit het kopje van een ander te drinken, en ook niet via een hoestbui, insectenbeten, een zwembad of een wc-bril. In de dagelijkse omgang met anderen (bijvoorbeeld huisgenoten of collega’s) is er geen risico op het overdragen van hiv.

Andere soa's

Mensen met hiv kunnen tegelijkertijd ook een andere soa hebben. Daarom is het verstandig dat jij en je partner(s) zich ook op andere soa's laten onderzoeken.

Kijk voor meer informatie over Hiv en aids op www.thuisarts.nl

In welke gevallen kan ik beter naar de huisarts gaan?

Bel de huisarts:

  • als je jezelf wilt laten testen op hiv;
  • als je jezelf wilt laten testen op andere soa's;
  • voor een verwijzing naar een hiv-specialist in het ziekenhuis;
  • om vragen over hiv te bespreken.
Kijk voor meer informatie over Hiv en aids op www.thuisarts.nl

Wat kan de apotheker voor mij doen?

Algemeen

Uw apotheker zorgt ervoor dat u uw medicijnen goed en veilig kunt gebruiken. Het maakt niet uit of u een medicijn korte tijd of langdurig nodig heeft.

  • Receptcontrole

De apotheker controleert elk recept. Bijvoorbeeld: is het juiste medicijn voorgeschreven en meegegeven, is de dosering goed, kan het medicijn samen met andere medicijnen die u gebruikt. Als het nodig is, overlegt uw apotheker met uw huisarts of specialist.

  • Overzicht van uw medicijnen

Uw apotheker houdt bij welke medicijnen u gebruikt. U kunt in de apotheek altijd om een overzicht van uw medicijnen vragen. Dit kunt u bijvoorbeeld meenemen als u uw specialist bezoekt, in het ziekenhuis wordt opgenomen of naar het buitenland gaat.

  • Delen van informatie over uw medicijnen met andere zorgverleners

Uw apotheker, huisarts en het ziekenhuis kunnen informatie over uw medicijnen met elkaar delen als dat nodig is voor uw behandeling. Dit mag alleen als U daar toestemming voor geeft.

  • Begeleiding bij nieuwe geneesmiddelen

Krijgt u een medicijn dat u in de afgelopen 12 maanden niet hebt gebruikt? Dan krijgt u extra uitleg over deze medicijnen.

  • Ondersteuning als u uw medicijnen weleens vergeet in te nemen

De apotheker heeft daar hulpmiddelen voor. Als uw zorgverzekeraar toestemming geeft, kan uw apotheker uw medicijnen per dag en per tijdstip van inname in aparte zakjes voor u laten verpakken.

  • Persoonlijk gesprek over uw medicijnen

Heeft u vragen over uw medicijnen, of problemen met het gebruik? Bijvoorbeeld moeite met slikken van medicijnen, openmaken van de verpakking, of last van een vervelende bijwerking? Vraag uw apotheker om een persoonlijk gesprek. Hij kijkt dan samen met u welke mogelijkheden er zijn om uw probleem te verhelpen.

  • Medicatiebeoordeling

Uw apotheker en huisarts kunnen u uitnodigen voor een gesprek over uw medicijnen. Dit is mogelijk bij patiënten ouder dan 65 jaar die langdurig meer dan 5 medicijnen gebruiken. Samen met u bespreken ze of er verbetering mogelijk is. Als u bijvoorbeeld last hebt van bijwerkingen van een medicijn kan het soms vervangen worden door een ander medicijn.

  • Zelfzorg

Bij de apotheek kunt u terecht voor advies over medicijnen die u zonder recept (= zelfzorgmedicijnen) kunt kopen, voor verbandmiddelen en cosmetica. De apotheek kan zelfzorgmedicijnen voor u opnemen in uw medicatiedossier. Dan kan de apotheker controleren of u ze veilig samen met uw receptmedicijnen kunt gebruiken.

  • Bezorgservice

Bent u moeilijk ter been? Informeer bij uw apotheek of zij uw medicijnen bij u thuis kunnen bezorgen.

Welke medicijnen worden gebruikt bij hiv en aids?

Antivirale middelen
Antivirale middelen remmen de vermeerdering van het hiv. Ze kunnen het virus niet volledig laten verdwijnen. Wel kunnen ze de hoeveelheid virus in het bloed ('viral load`) drastisch verlagen, waardoor het aantal witte bloedcellen toeneemt en de afweer weer op peil komt. Ook kunnen antivirale middelen worden gebruikt om hiv-besmetting te voorkomen bij mensen met een verhoogd risico hierop. Dit noemt men pre-exposititie profylaxe (PrEP). En om een hiv-infectie te vermijden bij mensen die in contact zijn gekomen met besmet bloed of bij mensen die onbeschermde seks hebben gehad met iemand die besmet is. Dit noemt men post-exposititie profylaxe (PEP)

Omdat het virus snel geneigd is ongevoelig (resistent) te worden, kan het alleen in combinatie met andere anti-hiv-middelen worden toegepast. Gebruikelijk is daarvoor een combinatie van minimaal drie middelen te kiezen. Mocht deze combinatie onvoldoende effectief worden, dan kan men overschakelen op een combinatie van drie niet eerder gebruikte middelen, waarvoor het virus nog wel gevoelig is. Voorbeelden van antivirale middelen zijn didanosine, efavirenz, lamivudine en maraviroc.

Medicinale cannabis
Bij de behandeling van hiv met geneesmiddelen treden vaak bijwerkingen, zoals misselijkheid en braken op. Cannabis kan worden gebruikt om deze bijwerkingen te verminderen. Bij mensen met de ziekte aids kan cannabis worden gebruikt tegen pijn, misselijkheid, verminderde eetlust, vermagering en verzwakking.

De werkzaamheid van cannabis is pas in beperkte mate onderzocht. Cannabis zal daarom pas worden voorgeschreven als reguliere behandelingsmethoden onvoldoende werken of wanneer er te veel bijwerkingen optreden.

Het wordt speciaal geteeld voor levering via de apotheek zodat een constante kwaliteit wordt geleverd. Het bevat verschillende werkzame stoffen, waaronder dronabinol en cannabidiol. Cannabis wordt geleverd in verschillende variëteiten, waarin verschillende gehaltes aan werkzame stoffen zitten. Het is op recept verkrijgbaar in de apotheek.

Dronabinol, één van de werkzame bestanddelen van cannabis, is apart verkrijgbaar in capsules. Het kan alleen met een speciale artsenverklaring in de apotheek besteld worden.

Thalidomide
Thalidomide wordt bij aidspatiënten gebruikt tegen pijnlijke zweertjes op de slijmvliezen van mond, slokdarm of vagina. Thalidomide helpt de zweervorming terug te dringen.

Megestrol
Bij mensen met de ziekte aids wordt megestrol gebruikt tegen verminderde eetlust, sterke vermagering en verzwakking. Waarschijnlijk werkt dit middel doordat het de eetlust stimuleert en zorgt dat uw lichaam het voedsel efficiënter verwerkt.

Filgrastim
Filgrastim stimuleert het beenmerg om bepaalde witte bloedcellen aan te maken. Door het virus kunnen er te weinig witte bloedcellen in het bloed zitten. Filgrastim stimuleert de aanmaak van witte bloedcellen, waardoor uw afweer sterker wordt.

Pyrimethamine
Pyrimethamine kan worden gebruikt bij verschillende infecties die kunnen optreden bij mensen die met het hiv zijn geïnfecteerd, zoals longontsteking door pneumocystis of hersenontsteking door toxoplasmose. Het wordt gebruikt om een dergelijke infectie te voorkomen of te behandelen.

Laatst bijgewerkt KNMP: 21-02-2017
Laatst bijgewerkt NHG: 30-01-2018

Disclaimer

De informatie over bovenstaande aandoening is geschreven door het Nederlands Huisartsen Genootschap (NHG). De onderdelen over de medicijnen die bij de aandoening kunnen worden gebruikt en over wat de apotheker voor u kan doen, zijn geschreven door het Geneesmiddel Informatie Centrum van de KNMP. Hoewel bij het opstellen van de tekst uiterste zorgvuldigheid is betracht, zijn het NHG en de KNMP niet aansprakelijk voor eventuele schade die zou kunnen voortvloeien uit enige onjuistheid in deze tekst.

Thuisarts.nl

De informatie over bovenstaande aandoening is geschreven door het Nederlands Huisartsen Genootschap (NHG). Wilt u meer lezen over deze of andere aandoeningen? Ga dan naar www.thuisarts.nl

Naar thuisarts.nl

Vraag het de webapotheker

Het beste advies krijgt u bij uw eigen apotheek. Daar ontvangt u de zorg en begeleiding die is afgestemd op uw persoonlijke situatie. Mocht dit niet mogelijk zijn, dan kunt u een vraag stellen aan de webapotheker. Een team van apothekers beantwoordt uw vraag in principe binnen enkele werkdagen.

Vraag het de webapotheker

Apotheek.nl gebruikt cookies om het surfgedrag op de website te analyseren.