MedicijnenReagila

Reagila | cariprazine

Werkzame stof: cariprazine


Onderstaande tekst gaat over de werkzame stof cariprazine.

MedicijnenReagila

Reagila

Werkzame stof: cariprazine


Onderstaande tekst gaat over de werkzame stof cariprazine.

Belangrijkste zakenWaarbij gebruik ik het?Mogelijke bijwerkingenHoe gebruik ik dit?Een keer vergeten, wat nu?Mag ik autorijden, alcohol drinken, alles eten?Gebruik met andere medicijnenGebruik bij zwangerschap of borstvoedingMag ik zomaar stoppen?Onder welke namen verkrijgbaar?Heb ik een recept nodig?
    • Cariprazine is een medicijn tegen psychose. Het remt wanen (u gelooft of denkt dingen die niet kloppen) en hallucinaties (u ziet, voelt of hoort dingen die er niet zijn).
    • Bij psychose, zoals bij schizofrenie.
    • Neem de capsule in met een half glas water.
    • Bij schizofrenie gebruikt u dit medicijn meestal een half jaar tot meerdere jaren.
    • U kunt last krijgen van bewegingsstoornissen, zoals spiertrekkingen, stijve spieren en niet stil kunnen zitten. Raadpleeg dan uw arts.
    • Andere bijwerkingen zijn maagdarmklachten, gewichtstoename en psychische klachten. Raadpleeg uw arts als u hier veel last van heeft.
    • U kunt in het begin troebel zien, slaperig, suf, moe en duizelig zijn. Rijd geen auto als u start met dit medicijn en als uw dosering omhoog gaat. Pas nadat u 2 weken dezelfde dosering heeft gebruikt mag u weer autorijden.
    • Pas op met alcohol. Dit kan u erg suf en slaperig maken.
    • Gebruikt u dit medicijn al een paar weken? Stop dan niet in een keer. Bouw het langzaam af in overleg met uw arts of apotheker.
    • Bent u zwanger? Of wilt u zwanger worden? Vraag aan uw arts of u dit medicijn mag gebruiken.
    • Geeft u borstvoeding? Of wilt u borstvoeding geven? Vraag aan uw arts of u dit medicijn mag gebruiken. Het is niet bekend of dit medicijn in de moedermelk terechtkomt. Als het in de moedermelk komt, kan het slecht zijn voor de baby.
    • Cariprazine behoort tot atypische antipsychotica. Het vermindert in de hersenen het effect van natuurlijk voorkomende stoffen, vooral dopamine. Hierdoor verminderen psychosen.

      Artsen schrijven het voor bij psychose en schizofrenie.

      • Verschijnselen
        Een psychose is een situatie waarbij iemand ernstig in de war is. Men ervaart dan zichzelf en de wereld om zich heen anders dan de werkelijkheid. U ziet, hoort en voelt dingen die er niet zijn (hallucinaties). Of u gelooft of denkt dingen die niet kloppen (wanen). Psychotische mensen wantrouwen vaak hun omgeving. Hierdoor kunnen zij zich zenuwachtig, opgewonden, onrustig en soms zelfs agressief gedragen. Een psychose kan voor de patiënt en de omgeving erg vervelend zijn.

        Oorzaken
        Psychosen kunnen in verschillende situaties optreden. Meestal bij een psychische ziekte zoals schizofrenie, depressie, tijdens een manie bij manische depressie, of bij dementie. Maar een psychose kan ook optreden bij alcoholontwenning, extreme angst of bij vergiftigingen zoals van alcohol, drugs en sommige medicijnen.

        Werking
        Cariprazine remt in de hersenen het effect van de natuurlijk voorkomende stof dopamine. Hierdoor verminderen de verschijnselen van een psychose.

        • Verschijnselen
          Schizofrenie is een psychische ziekte met stoornissen in het denken, het waarnemen en het gevoelsleven. De belangrijkste verschijnselen bij schizofrenie zijn de psychoses en verwardheid.

          Bij een psychose ervaart men zichzelf en de wereld om zich heen anders dan de werkelijkheid. U ziet, hoort en voelt dingen die er niet zijn. Men spreekt dan van wanen en hallucinaties.

          Mensen met schizofrenie voelen zich vaak ook depressief, angstig, schuldig of gespannen. Hierdoor kunnen zij zichzelf verwaarlozen, moeilijk sociale contacten leggen en zich afsluiten van de buitenwereld. Dit zijn de 'negatieve verschijnselen' van schizofrenie.

          Werking
          Cariprazine remt in de hersenen het effect van de natuurlijk voorkomende stof dopamine. Hierdoor verminderen de verschijnselen van een psychose. Maar het werkt nauwelijks tegen de 'negatieve verschijnselen'.

        • Behalve het gewenste effect kan dit medicijn bijwerkingen geven.

          De belangrijkste bijwerkingen zijn de volgende:

          Soms (bij 10 tot 30 op de 100 mensen)

          • Bewegingsstoornissen, zoals niet stil kunnen zitten of zich onrustig voelen (acathisie) en parkinsonisme. Bij parkinsonisme heeft u verschijnselen die lijken op de ziekte van Parkinson. U merkt het aan stijve spieren, trillen, moeite met bewegen, lopen of spreken. Zelden plotselinge spiertrekkingen in hoofd, mond of gezicht (dystonie) en zeer zelden ontstaan 'late bewegingsstoornissen' (tardieve dyskinesie). U merkt ze in het begin aan zuig-, kauw- en smakbewegingen, bewegingen van de tong en grimassen en tics van het gezicht. Of aan buig- en strekbewegingen van vingers en tenen, dansachtige bewegingen van armen en benen en zwaai- of draaibewegingen van schouders en bekken.
            Heeft u de ziekte van Parkinson of heeft u al een bewegingsstoornis? Dan kunnen de verschijnselen door dit medicijn erger worden. Krijgt u last van ongewilde bewegingen van bijvoorbeeld uw lippen, tong, armen of benen. Raadpleeg dan uw arts.

            Als deze bijwerkingen ontstaan is dat meestal na langdurig gebruik (meerdere maanden). Soms komen ze pas aan het licht als u met dit medicijn bent gestopt. Na stoppen worden de verschijnselen na een tijd minder. Maar bij een deel van de mensen gaat deze bijwerking niet meer helemaal over.

          Zelden (bij 1 tot 10 op de 100 mensen)

          • Suf, slaperig en sloom gevoel

             Voorkom ongelukken in het verkeer, maar ook bij andere activiteiten thuis en op het werk, bijvoorbeeld wanneer u een ladder beklimt, met apparaten werkt en op het werk iets bewaakt of controleert. Ook als u 's nachts uit bed moet om naar het toilet te gaan, kunt u minder controle over uw spieren hebben en daardoor sneller vallen.

          • Duizelig en draaiduizelig gevoel

            Vooral bij opstaan uit bed of uit een stoel. Dit gaat meestal vanzelf over als uw lichaam is gewend aan het medicijn. Als u zich duizelig voelt, sta dan niet te snel op uit bed of van een stoel. U kunt het beste gaan liggen en de benen wat hoger leggen, bijvoorbeeld op een kussen.

          • Maagdarmklachten, zoals misselijk gevoel, overgeven en verstopping. Zeer zelden zuurbranden of hik.

            Meestal helpt het als u het medicijn met wat voedsel inneemt. Blijft u er ook na paar dagen last van houden? Neem dan contact op met uw arts.

          • Gewichtstoename, door meer eetlust. Maar u kunt ook minder eetlust krijgen.

            Om zo weinig mogelijk aan te komen, is het belangrijk minder te eten dan u zou lusten. Dat is voor veel mensen erg moeilijk. Raadpleeg uw arts of een diëtist als u te veel aankomt of te veel afvalt. Zij kunnen u helpen hiermee om te gaan.

          • Verhoogde bloeddruk

            Dit is een risico voor hart- en vaatziekten. Het is aan te raden uw bloeddruk elk jaar te laten controleren.

          • Psychische klachten, zoals slaapproblemen, angstgevoelens of in de war zijn. Zeer zelden depressie of zelfmoordgedachten.

          • Te veel cholesterol en andere vetten in het bloed. Deze kunnen zich ophopen in de bloedvaten, waardoor trombose kan ontstaan (zie bij zeer zelden).

            Heeft u al een te hoog cholesterol en/of vetgehalte in uw bloed? Dan zal uw arts u daar extra op controleren.

          • Wazig zien, oogirritatie en verhoogde oogdruk. Zeer zelden staar. Heeft u het syndroom van Sjögren? Dit is een ziekte waarbij de slijmvliezen van de ogen en het mond droger zijn dan normaal. Dit medicijn zorgt ervoor dat het lichaam minder traanvocht en speeksel maakt. Hierdoor kunt meer klachten krijgen. Neem contact op met uw arts als u meer last heeft van oogirritatie of een droge mond.

          Zeer zelden (bij minder dan 1 op de 100 mensen)

          • Te veel glucose (suiker) in het bloed. Heeft u diabetes (suikerziekte)? Controleer dan vaker uw bloedsuiker, omdat dit medicijn de hoeveelheid suiker in het bloed kan verhogen.

          • Meer kans op diabetes. Heeft u een droge mond, veel dorst en last van moeheid? Of moet u veel plassen? Raadpleeg dan uw arts.

          • Epileptische aanvallen

          • Plasproblemen, zoals niet kunnen plassen of vaker plassen

            Duurt het even voordat uw plas komt of is uw plasstraal zwakker dan normaal? Raadpleeg dan uw arts.

          • Seksproblemen, zoals moeilijker krijgen van een erectie bij mannen en minder of juist meer zin in vrijen.

          • Bloedklonter in de bloedbaan (trombose). Dit vergroot de kans op vaatziektes, zoals een trombosebeen of beroerte. De verschijnselen van trombose kunnen zijn pijnlijke zwelling van het been, pijn op de borst en plotseling moeite met ademhalen.

            Heeft u deze verschijnselen? Waarschuw dan direct uw arts.

          • Overgevoeligheid voor dit medicijn. U merkt dit aan huiduitslag, galbulten of jeuk. Raadpleeg dan uw arts. Een ernstige overgevoeligheid is te merken aan flauwvallen of een zwelling van het gezicht, lippen, mond, tong of keel. U kunt hierbij erg benauwd worden. Waarschuw dan direct uw arts.

            Als u overgevoelig bent voor cariprazine, mag u het niet meer gebruiken. Geef dit daarom aan de apotheker door. Het apotheekteam kan er dan op letten dat u dit medicijn niet opnieuw krijgt.


          Neem contact op met uw apotheker of arts als u te veel last heeft van deze of andere bijwerkingen waar u zich zorgen over maakt.


          Heeft u last van een bijwerking? Meld dit dan bij het bijwerkingencentrum lareb. Hier worden alle meldingen over bijwerkingen van medicijnen in Nederland verzameld. Ik wil een bijwerking melden

          • Regelmatig: bij meer dan 30 op de 100 mensen
            Soms: bij 10 tot 30 op de 100 mensen
            Zelden: bij 1 tot 10 op de 100 mensen
            Zeer zelden: bij minder dan 1 op de 100 mensen
            • Kijk voor de juiste dosering altijd op het etiket van de apotheek of in de bijsluiter.

              Hoe?
              Neem de capsule in met een half glas water.

              Wanneer?
              U gebruikt dit medicijn 1 keer per dag. Dit kan op elk moment van de dag. Het beste kunt u een vaste tijd kiezen, dan vergeet u het minder snel. Bijvoorbeeld 's ochtends.

              Hoelang?
              Is de psychotische periode voorbij, dan zult u dit medicijn meestal nog lange tijd moeten gebruiken. Anders is de kans op een nieuwe psychose (terugval) groot. Uw arts zal de dosering in die periode meestal

              • Heeft u voor het eerst een psychose gehad? Dan moet u dit medicijn meestal nog tot 1 of 2 jaar na uw herstel gebruiken, voor u kunt proberen te stoppen. Heel soms kunt u proberen een half jaar na herstel te stoppen. Dit kan alleen als u erg snel bent hersteld. Dit moet wel onder goede begeleiding en de kans op terugval is dan nog steeds groter.
              • Heeft u al eerder een psychose gehad? Dan moet u meestal de rest van uw leven een antipsychoticum blijven gebruiken.
              • Het is belangrijk dat u dit medicijn gebruikt zoals de arts het voorschrijft. Bent u het medicijn vergeten in te nemen?

                • Duurt het nog meer dan 8 uur voor u de volgende capsule normaal inneemt? Neem de vergeten capsule dan alsnog in. Neem de volgende capsule op het moment dat u gewend bent.
                • Duurt het nog minder dan 8 uur? Sla de vergeten capsule dan over. Neem de volgende capsule in op het moment dat u gewend bent. Neem nooit dubbele capsules om een vergeten capsule in te halen.
                • Autorijden?
                  Het kan gevaarlijk zijn aan het verkeer deel te nemen als u dit medicijn gebruikt. Dit komt door bijwerkingen, zoals suf, slaperig, moe en duizelig zijn en troebel zien.

                  U mag de eerste 2 weken dat u dit medicijn gebruikt niet autorijden. Rijd ook geen auto zolang de dosering nog omhoog gaat. Pas nadat u 2 weken dezelfde dosering heeft gebruikt, mag u weer autorijden. Maar doe dat alleen als u geen last meer heeft van de bijwerkingen. Na 2 weken dezelfde dosering gebruiken, zijn de meeste mensen voldoende gewend geraakt aan de effecten.

                  Gebruikt u ook andere medicijnen die deze bijwerkingen geven? Let er dan op dat u meer last kunt hebben van deze bijwerkingen.

                  Let op: ook schizofrenie kan een reden zijn dat u niet mag autorijden. Overleg met uw arts of dat bij u het geval is. Wilt u meer informatie over autorijden bij bepaalde aandoeningen? Kijk dan op de website van het CBR.

                  Voor meer algemene informatie kunt u het thema 'Medicijnen in het verkeer' lezen. In dit thema leest u bijvoorbeeld wat de wet zegt over medicijnen in het verkeer. Ook vindt u adviezen waarmee u rekening moet houden als u wel (weer) mag autorijden.

                  Alcohol drinken?
                  Drink geen alcohol als u dit medicijn gebruikt. Door dit medicijn reageert u veel sterker op alcohol. Ook kan alcohol u extra suf en slaperig maken.

                  Alles eten?
                  U mag eten en drinken zoals u normaal ook doet.

                  • Dit medicijn heeft wisselwerkingen met andere medicijnen. In de tekst hieronder staan alleen de werkzame stoffen van deze medicijnen, dus niet de merknamen. Of uw medicijn een van die werkzame stoffen bevat, kunt u nagaan in uw bijsluiter onder het kopje 'samenstelling'.

                    De belangrijkste wisselwerkingen met dit medicijn zijn de volgende.

                    • Andere medicijnen die het reactievermogen verminderen. Bij deze medicijnen vindt u een gele waarschuwingssticker op de verpakking. De effecten op bijvoorbeeld de rijvaardigheid versterken elkaar. Rijd zeker geen auto als u 2 of meer van deze medicijnen gebruikt.
                    • Sommige medicijnen tegen hiv. Hiv is het virus dat aids veroorzaakt. Vraag aan uw apotheker om welke medicijnen dit gaat.

                    Sommige medicijnen kunnen de bijwerkingen van cariprazine sterker maken. Gebruik deze medicijnen niet samen met cariprazine. Overleg met uw arts als u een van de volgende medicijnen gebruikt.

                    • Medicijnen tegen schimmelinfecties itraconazol, posaconazol en voriconazol.
                    • Antibiotica claritromycine en erytromycine.
                    • Een medicijn om in te nemen tegen de ziekte van Cushing ketoconazol.

                    De volgende medicijnen zorgen voor dat cariprazine minder goed werkt. Overleg hierover met uw arts. Als u stopt met het medicijn duurt het een paar weken totdat dit effect op cariprazine weg is.

                    • Hypericum (sint-janskruid), een kruidenmiddel tegen depressieve klachten.
                    • De medicijnen tegen tuberculose rifampicine en rifabutine.
                    • De medicijnen tegen epilepsie carbamazepine, fenobarbital en fenytoïne . Sommige van deze medicijnen worden ook gebruikt bij zenuwpijn en manische depressie.
                    • Mitotaan, een medicijn tegen de ziekte van Cushing en bijnierschorskanker.
                    • Enzalutamide, een medicijn tegen prostaatkanker.

                    Twijfelt u eraan of een van de bovenstaande wisselwerkingen voor u van belang is? Neem dan contact op met uw apotheker of arts.

                    • Zwangerschap
                      Overleg met uw arts. U kunt dit medicijn beter NIET gebruiken als u zwanger bent of binnenkort wilt worden. Over het gebruik van dit medicijn tijdens de zwangerschap is nog te weinig bekend.

                      Gebruik daarom tijdens en tot minimaal 10 weken na de laatste capsule betrouwbare anticonceptie, bijvoorbeeld de pil of condooms. Anticonceptie zorgt ervoor dat u niet zwanger wordt.

                      Meld het in elk geval aan uw arts en apotheker zodra u zwanger bent of binnenkort wilt worden. Zo mogelijk kunt u (tijdelijk) overstappen op een ander medicijn.

                      Borstvoeding
                      Wilt u borstvoeding geven, overleg dan met uw arts of apotheker. Het is niet bekend of dit medicijn in de moedermelk terechtkomt en of het schadelijk voor de baby is. Mogelijk kan de arts u (tijdelijk) een ander medicijn voorschrijven, waarvan wel bekend is dat u het veilig kunt gebruiken.

                      Gebruikt u medicijnen op recept of die u zonder recept koopt? Wilt u helpen om de kennis over medicijngebruik tijdens zwangerschap en borstvoeding te vergroten? Meld dan uw ervaring bij Moeders van Morgen.

                      • Stop niet zomaar met dit medicijn: veel mensen krijgen na stoppen met een antipsychoticum opnieuw een psychose. Het is daarom belangrijk vooraf goed met uw arts te overleggen. Bij sommige psychoses is de kans op een nieuwe psychose niet zo groot, bij andere wel.

                        • Als u gaat stoppen, bouw dan langzaam af over een periode van minimaal 4 weken. Als u langzaam afbouwt heeft u minder kans op meteen een nieuwe psychose. Ook voorkomt u daarmee ontwenningsverschijnselen, zoals zweten, misselijkheid, gebrek aan eetlust, diarree, angst, slapeloosheid, onrust, loopneus, spierpijn en vreemde gevoelswaarnemingen, zoals kriebels.
                        • De ontwenningsverschijnselen ontstaan vaak pas 1 tot 4 dagen na plotseling stoppen en zijn na 2 weken meestal over. Niet iedereen heeft even veel last van ontwenningsverschijnselen. Kijk daarom hoe u reageert als u de dosering iets vermindert.
                        • Ook nadat u bent gestopt kunnen soms de 'late bewegingsstoornissen' ontstaan of ze worden erger. U krijgt dan last van zuig-, kauw- en smakbewegingen, bewegingen van de tong, grimassen en tics van het gezicht, buig- en strekbewegingen van vingers en tenen, dansachtige bewegingen van armen en benen en zwaai- of draaibewegingen van schouders en bekken. Deze verschijnselen worden in de loop van de maanden minder en zijn na een aantal jaar meestal verdwenen.
                        • De werkzame stof cariprazine zit in de volgende producten:
                          • Cariprazine is sinds 2015 internationaal op de markt. Het is op recept verkrijgbaar in capsules onder de merknaam Reagila.

                            Laatst bijgewerkt op 03-10-2022

                            Disclaimer

                            Deze tekst is opgesteld door het Geneesmiddel Informatie Centrum van de KNMP. Deze tekst is gebaseerd op de bijsluiter van het beschreven medicijn en op andere, wetenschappelijke bronnen. Zoals medische richtlijnen, standaarden en literatuur. Bent u benieuwd hoe het apotheek.nl-team dit doet? Bekijk dan de video. Hoewel bij het opstellen van de tekst uiterste zorgvuldigheid is betracht, is de KNMP niet aansprakelijk voor eventuele schade die zou kunnen voortvloeien uit enige onjuistheid in deze tekst. De officiële bijsluiter van dit medicijn vindt u bij het College ter Beoordeling van Geneesmiddelen op: www.cbg-meb.nl.

                            Vond u deze informatie nuttig?

                            Vind een apotheek

                            Wilt u meer weten, of heeft u een vraag over uw eigen situatie? Dan raden wij u aan naar uw eigen apotheek te gaan. Uw eigen apotheker is op de hoogte van uw persoonlijke omstandigheden en kan u uitgebreid begeleiden bij uw medicijngebruik. Bent u niet in de buurt van uw eigen apotheek, dan kunt u hier ook andere apotheken vinden.
                            Vind een apotheek blob

                            Vraag het de webapotheker

                            Vraag het de webapotheker

                            Vraag het de webapotheker

                            Het beste advies krijgt u bij uw eigen apotheek. Daar ontvangt u de zorg en begeleiding die is afgestemd op uw persoonlijke situatie. Mocht dit niet mogelijk zijn, dan kunt u een vraag stellen aan de webapotheker. Een team van apothekers beantwoordt uw vraag in principe binnen enkele werkdagen.

                            Meldpunt medicijnen

                            Werkt uw medicijn heel goed of juist niet? Wordt uw medicijn niet vergoed? Of heeft u last van een bijwerking? Meld uw ervaring
                            Informatie wordt bijgewerkt: