Klachten & ZiektesKijkonderzoek van de darmen

Kijkonderzoek van de darmen

Klachten & ZiektesKijkonderzoek van de darmen

Kijkonderzoek van de darmen

Wat is Kijkonderzoek van de darmen ?Hoe herken ik Kijkonderzoek van de darmen ?In welke gevallen kan ik beter naar de huisarts gaan?Wat kan de apotheker voor mij doen?Welke medicijnen worden gebruikt bij Kijkonderzoek van de darmen ?
  • Een maag-darm-lever-arts bekijkt de binnenkant van je darmen met een camera aan een dunne slang.

    Een kijkonderzoek van je darmen heet ook wel een inwendig darmonderzoek, coloscopie, colonoscopie of scopie.

    Zo bereid je je voor op een kijkonderzoek van je darmen:

    Gesprek met arts of verpleegkundige

    Voor het onderzoek heb je een gesprek met een maag-darm-lever-arts of met een verpleegkundige. Jullie bespreken dan bijvoorbeeld deze dingen:

    • Hoe gaat het kijkonderzoek?
    • Gebruik je medicijnen? Ben je misschien allergisch voor bepaalde medicijnen?
    • Heb je misschien een ziekte? Zoals een ziekte van je hart of longen.

    Tijdens het gesprek kun je vertellen of je een roesje wilt tijdens het kijkonderzoek van je darmen. Bij een roesje krijg je een medicijn via een slangetje in een bloedvat. Je wordt er ontspannen of slaperig van. Daardoor merk je minder of niets van het kijkonderzoek.

    Dikke darm leegmaken

    Voor een kijkonderzoek van je darmen moet je dikke darm helemaal leeg en schoon zijn. Daarvoor moet je laxeren, zoals het heet. Dat gaat zo:

    • Je krijgt een medicijn waardoor je moet poepen. Dit medicijn is een laxeermiddel. Vaak is dit een poeder dat oplost in water.
    • Je drinkt veel glazen van dit medicijn.
    • Daarna moet je steeds naar de wc. Je poep wordt waterdun en wordt steeds lichter. Uiteindelijk is je hele dikke darm schoon.
    • Je krijgt altijd een gebruiksaanwijzing mee. Lees die goed. Er staat in hoeveel uren voor het onderzoek je moet starten met het medicijn.
    • Lees ook in de gebruiksaanwijzing welke soorten eten je even niet mag. En wanneer je helemaal niets meer mag eten of drinken.

    Er zijn nog andere manieren om je dikke darm leeg te maken. Je arts kijkt wat het beste bij jou past.

    Medicijnen aanpassen

    Gebruik je ook andere medicijnen? Die kun je ’s ochtends op de dag van het onderzoek gewoon nemen.

    Gebruik je bloedverdunners of insuline? Bespreek dit dan met de arts die het onderzoek doet.

    • Wat je moet doen, hangt af van welke bloedverdunner je slikt. Je bespreekt dit met de arts. Soms moet je voor het onderzoek stoppen met de bloedverdunner. Soms moet je even een ander medicijn gebruiken.
    • Heb je diabetes en gebruik je insuline? Als je het laxeermiddel drinkt, moet je meestal minder insuline gebruiken. Je bespreekt met de arts hoeveel minder dit is.
    Kijk voor meer informatie over Kijkonderzoek van de darmen op www.thuisarts.nl
    • Na een kijkonderzoek van de darmen hebben de meeste mensen geen klachten.
      Soms heeft iemand buikpijn of een opgeblazen gevoel. Dit verdwijnt meestal binnen 1 of 2 dagen.

      Als de arts tijdens het onderzoek een poliep of een stukje darm heeft weggehaald, kan er wat bloed uit je anus komen. Dit gaat ook over binnen 1 of 2 dagen.

      Kijk voor meer informatie over Kijkonderzoek van de darmen op www.thuisarts.nl
      • Spoed: bel direct de arts die het onderzoek heeft gedaan of de huisartsen-spoedpost bij 1 of meer van deze dingen:

        • Je klachten worden na 2 dagen erger. Zoals buikpijn, een opgeblazen gevoel of bloed uit je anus.
        • Je klachten zijn na 3 dagen nog niet minder geworden.
        • Je hebt koorts: 38 graden of hoger.
        Kijk voor meer informatie over Kijkonderzoek van de darmen op www.thuisarts.nl
            • Uw apotheker zorgt ervoor dat u uw medicijnen goed en veilig kunt gebruiken. Het maakt niet uit of u een medicijn korte tijd of langdurig nodig heeft.

              • Receptcontrole

              De apotheker controleert elk recept. Bijvoorbeeld: is het juiste medicijn voorgeschreven en meegegeven, is de dosering goed, kan het medicijn samen met andere medicijnen die u gebruikt. Als het nodig is, overlegt uw apotheker met uw huisarts of specialist.

              • Overzicht van uw medicijnen

              Uw apotheker houdt bij welke medicijnen u gebruikt. U kunt in de apotheek altijd om een overzicht van uw medicijnen vragen. Dit kunt u bijvoorbeeld meenemen als u uw specialist bezoekt, in het ziekenhuis wordt opgenomen of naar het buitenland gaat.

              • Delen van informatie over uw medicijnen met andere zorgverleners

              Uw apotheker, huisarts en het ziekenhuis kunnen informatie over uw medicijnen met elkaar delen als dat nodig is voor uw behandeling. Dit mag alleen als U daar toestemming voor geeft.

              • Begeleiding bij nieuwe geneesmiddelen

              Krijgt u een medicijn dat u in de afgelopen 12 maanden niet hebt gebruikt? Dan krijgt u extra uitleg over deze medicijnen.

              • Ondersteuning als u uw medicijnen weleens vergeet in te nemen

              De apotheker heeft daar hulpmiddelen voor. Als uw zorgverzekeraar toestemming geeft, kan uw apotheker uw medicijnen per dag en per tijdstip van inname in aparte zakjes voor u laten verpakken.

              • Persoonlijk gesprek over uw medicijnen

              Heeft u vragen over uw medicijnen, of problemen met het gebruik? Bijvoorbeeld moeite met slikken van medicijnen, openmaken van de verpakking, of last van een vervelende bijwerking? Vraag uw apotheker om een persoonlijk gesprek. Hij kijkt dan samen met u welke mogelijkheden er zijn om uw probleem te verhelpen.

              • Medicatiebeoordeling

              Uw apotheker en huisarts kunnen u uitnodigen voor een gesprek over uw medicijnen. Dit is mogelijk bij patiënten ouder dan 65 jaar die langdurig meer dan 5 medicijnen gebruiken. Samen met u bespreken ze of er verbetering mogelijk is. Als u bijvoorbeeld last hebt van bijwerkingen van een medicijn kan het soms vervangen worden door een ander medicijn.

              • Zelfzorg

              Bij de apotheek kunt u terecht voor advies over medicijnen die u zonder recept (= zelfzorgmedicijnen) kunt kopen, voor verbandmiddelen en cosmetica. De apotheek kan zelfzorgmedicijnen voor u opnemen in uw medicatiedossier. Dan kan de apotheker controleren of u ze veilig samen met uw receptmedicijnen kunt gebruiken.

              • Bezorgservice

              Bent u moeilijk ter been? Informeer bij uw apotheek of zij uw medicijnen bij u thuis kunnen bezorgen.

            • Contactlaxantia
              Deze medicijnen prikkelen de zenuwen in de darmwand, waardoor de darm meer beweegt. Ze remmen ook de opname van water en zouten in de darmwand. Daardoor blijft er meer vocht in de darmen en wordt de poep zachter. Voorbeelden zijn bisacodyl, picozwavelzuur en sennosiden.

              Vochtaantrekkende laxeermiddelen
              Deze medicijnen blijven in de darmen en trekken daar water aan. Daardoor is er meer vocht in de darmen. De poep wordt zachter en de darm gaat beter bewegen. Voorbeelden zijn macrogol met elektrolyten, natrium-, kalium- en magnesiumsulfaat om in te nemen en natriumfosfaat in klysma. 

              Laatst bijgewerkt KNMP: 13-01-2026

              Laatst bijgewerkt NHG: 17-07-2023

              Disclaimer

              Deze tekst is geschreven door het Geneesmiddel Informatie Centrum van de KNMP. Hoewel bij het opstellen van de tekst uiterste zorgvuldigheid is betracht, is de KNMP niet aansprakelijk voor eventuele schade die zou kunnen voortvloeien uit enige onjuistheid in deze tekst.

              Thuisarts.nl

              De informatie over bovenstaande aandoening is geschreven door het Nederlands Huisartsen Genootschap (NHG). Wilt u meer lezen over deze of andere aandoeningen? Ga dan naar www.thuisarts.nl

              Thuisarts.nl

              Informatie wordt bijgewerkt: